Personen- en familierecht
Partijen en belanghebbenden zijn het in hoger beroep eens geworden over de persoon van de te benoemen…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 13 januari 2022
ECLI:NL:GHARL:2022:262 · Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 13 januari 2022
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-arnhem-leeuwarden/civiel-recht/personen-en-familierecht/hoger-beroep/ecli-nl-gharl-2022-262
Zaakgegevens
Op 13 januari 2022 heeft het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over personen- en familierecht.
- Instantie
- Gerechtshof Arnhem-LeeuwardenGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Leeuwarden
- Datum uitspraak
- 13 januari 2022
- Datum publicatie
- 17 januari 2022
- Zaaknummer
- 200.300.202/01
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Personen- en familierecht
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. J.D. Nijenhuis te Leeuwarden.
- ECLI
- ECLI:NL:GHARL:2022:262
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Partijen en belanghebbenden zijn het in hoger beroep eens geworden over de persoon van de te benoemen bewindvoerder.
Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
locatie Leeuwarden
afdeling civiel recht
zaaknummer gerechtshof 200.300.202/01
(zaaknummer rechtbank Noord-Nederland 8914940)
beschikking van 13 januari 2022
inzake
[verzoeker] ,
wonende te [woonplaats1] ,
verzoeker in hoger beroep,
verder te noemen: rechthebbende,
advocaat: mr. J.D. Nijenhuis te Leeuwarden.
Als belanghebbende zijn aangemerkt:
1 [de bewindvoerder] , h.o.d.n. [naam1] ,
gevestigd te [vestigingsplaats] ,
verder te noemen: de bewindvoerder,
2 [de vader]
wonende te [woonplaats1] ,
verder te noemen: de vader,
3 [de moeder] ,
wonende te [woonplaats1] ,
verder te noemen: de moeder,
4 [broer1] ,
wonende te [woonplaats2] ,
verder te noemen: [broer1] ,
5 [broer2] ,
wonende te [woonplaats2] ,
verder te noemen: [broer2] ,
6 [broer3] ,
wonende te [woonplaats1] ,
verder te noemen: [broer3] .
1 Het geding in eerste aanleg
Het hof verwijst voor het geding in eerste aanleg naar de beschikking van de rechtbank Noord-Nederland, locatie Leeuwarden van 18 juni 2021, uitgesproken onder voormeld zaaknummer (verder te noemen: de bestreden beschikking).
2 Het geding in hoger beroep
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het beroepschrift met bijlage(n), ingekomen op 20 september 2021;
- een journaalbericht namens rechthebbende van 3 november 2021 met bijlag(n);
- een brief van de bewindvoerder van 8 november 2021;
- nogmaals de brief van de bewindvoerder van 8 november 2021, nu met bereidverklaring van de vader;
- een brief namens rechthebbende van 30 november 2021 met bijlage(n);
- een journaalbericht namens rechthebbende van 8 december 2021 met bijlage(n).
Rechthebbende heeft aangegeven geen mondelinge behandeling te wensen, waarop het hof heeft besloten de zaak op de stukken af te doen.
3 De motivering van de beslissing
Het verzoek in hoger beroep van rechthebbende richtte zich aanvankelijk primair op vernietiging van de bestreden beschikking, waarin een bewind is ingesteld over de goederen en gelden die (zullen) toebehoren aan de rechthebbende, met benoeming van [de bewindvoerder] als bewindvoerder, en afwijzing van het inleidend verzoek tot het instellen van een bewind. Subsidiair, bij handhaving van de onderbewindstelling, verzocht rechthebbende de bestreden beschikking te vernietigen waar het gaat om de persoon van de bewindvoerder en alsnog de vader althans de moeder als bewindvoerder te benoemen.
Bij brief van 1 november 2021 (toegezonden bij journaalbericht van 3 november 2021) heeft rechthebbende zijn verzoek aangepast in die zin dat het primaire verzoek wordt ingetrokken en dat het subsidiaire verzoek wordt beperkt tot het verzoek om de huidige bewindvoerder te vervangen door de vader van rechthebbende.
Alle belanghebbenden hebben het hof laten weten dat zij instemmen met het gewijzigde verzoek om - kort gezegd - de huidige bewindvoerder te vervangen door de vader van rechthebbende.
Gelet hierop zal het hof de bestreden beschikking vernietigen en beslissen als volgt.
4 De beslissing
Het hof, beschikkende in hoger beroep:
vernietigt de beschikking van de rechtbank Noord-Nederland van 18 juni 2021, voor zover daarbij [de bewindvoerder] , h.o.d.n. [naam1] als bewindvoerder is benoemd, en (in zoverre) opnieuw beschikkende:
benoemt tot bewindvoerder:
[de vader] ,
geboren [in] 1968 te [gemeente] ,
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Deze beschikking is gegeven door mrs. G.M. van der Meer, E.B.E.M. Rikaart-Gerard en I.A. Vermeulen, bijgestaan door mr. M. Oevering als griffier, en is op 13 januari 2022 uitgesproken in het openbaar in tegenwoordigheid van de griffier.