Personen- en familierecht
De bewindvoerder voert geen verweer tegen opheffing van het bewind. Het hof heft het bewind op per datum van…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 23 november 2023
ECLI:NL:GHARL:2023:9947 · Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 23 november 2023
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-arnhem-leeuwarden/civiel-recht/personen-en-familierecht/hoger-beroep/ecli-nl-gharl-2023-9947
Zaakgegevens
Op 23 november 2023 heeft het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over personen- en familierecht.
- Instantie
- Gerechtshof Arnhem-LeeuwardenGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Arnhem
- Datum uitspraak
- 23 november 2023
- Datum publicatie
- 23 november 2023
- Zaaknummer
- 200.322.741
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Personen- en familierecht
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. E.D.B. Groeneweg in Utrecht
- ECLI
- ECLI:NL:GHARL:2023:9947
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
De bewindvoerder voert geen verweer tegen opheffing van het bewind. Het hof heft het bewind op per datum van de beschikking.
Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
locatie Arnhem
afdeling civiel recht
zaaknummer gerechtshof 200.322.741
(zaaknummer rechtbank Gelderland 9704810 BM VERZ 22-1095)
beschikking van 23 november 2023
in de zaak van
[verzoeker] ,
die woont in [woonplaats1] ,
verzoeker in hoger beroep,
verder te noemen: [verzoeker] ,
advocaat: mr. E.D.B. Groeneweg in Utrecht,
en
[verweerder] B.V.,
gevestigd in [vestigingsplaats] ,
verweerder in hoger beroep,
verder te noemen: de bewindvoerder.
1 Het geding in eerste aanleg
Het hof verwijst voor het geding in eerste aanleg naar de beschikking van de kantonrechter (rechtbank Gelderland, locatie Zutphen) van 7 december 2022, uitgesproken onder zaaknummer 9704810 BM VERZ 22-1095 (verder te noemen: de bestreden beschikking).
2 Het geding in hoger beroep
Het verloop van de procedure blijkt uit:
-
het beroepschrift, binnengekomen op 11 februari 2023;
-
het verweerschrift;
-
een brief van [verzoeker] van 9 oktober 2023 met bijlagen;
-
een brief van de bewindvoerder van 26 oktober 2023.
De mondelinge behandeling was op 27 oktober 2023. [verzoeker] en zijn advocaat waren aanwezig. De bewindvoerder had vooraf gemeld niet aanwezig te kunnen zijn.
3 De feiten
De (toekomstige) goederen van [verzoeker] zijn onder bewind gesteld in de beschikking van de kantonrechter van 4 september 2018. De grondslag van het bewind is de geestelijke of lichamelijke toestand van [verzoeker] .
[verzoeker] heeft bij de kantonrechter verzocht om opheffing van het bewind.
4 De omvang van het geschil
In de bestreden beschikking heeft de kantonrechter het verzoek van [verzoeker] om het bewind op te heffen, afgewezen.
[verzoeker] komt met drie grieven in hoger beroep. Alle grieven zien op de opheffing van het bewind. [verzoeker] verzoekt het hof om de bestreden beschikking te vernietigen en het bewind op te heffen.
5 De motivering van de beslissing
De kantonrechter kan het bewind opheffen als de noodzaak voor het bewind niet meer bestaat of het bewind niet zinvol is gebleken (artikel 1:449 lid 2 BW).
De bewindvoerder heeft het hof geïnformeerd over de huidige stand van zaken in de brief van 26 oktober 2023. De bewindvoerder schrijft dat [verzoeker] er op financieel gebied een stuk beter voorstaat dan een jaar geleden. [verzoeker] heeft het afgelopen jaar hard aan zichzelf gewerkt en een positieve ontwikkeling doorgemaakt. Hij is nu ook beter in staat om hulp en ondersteuning te vragen binnen zijn netwerk, als dat nodig is. De bewindvoerder schrijft dat hij op dit moment geen verweer meer voert tegen het verzoek van [verzoeker] om het bewind op te heffen.
Omdat de bewindvoerder geen verweer voert, wijst het hof het verzoek van [verzoeker] toe. [verzoeker] heeft tijdens de mondelinge behandeling verteld dat hij het goed vindt als het bewind wordt opgeheven vanaf de datum van deze beschikking. Het hof hoeft dus geen beslissing te nemen over het bewind tijdens de periode tussen de bestreden beschikking en deze beschikking. Dit betekent dat het hof de bestreden beschikking bekrachtigt tot zo ver en het bewind opheft per 23 november 2023.
[verzoeker] heeft tijdens de zitting verteld dat de bewindvoerder hem de afgelopen jaren goed heeft geholpen. Daar is [verzoeker] de bewindvoerder dankbaar voor.
6 De beslissing
Het hof:
vernietigt de beschikking van de kantonrechter (rechtbank Gelderland, locatie Zutphen) van 7 december 2022;
heft het bewind over de (toekomstige) goederen van [verzoeker] , geboren [in] 1967, op met ingang van 23 november 2023.
Deze beschikking is gegeven door mrs. S. Kuijpers, M.H.F. van Vugt en K.A.M. van Os-ten Have, bijgestaan door mr. L.M. de Wit als griffier en is op 23 november 2023 uitgesproken in het openbaar in tegenwoordigheid van de griffier.