Personen- en familierecht

Kinderalimentatie. De behoefte van de kinderen wordt herberekend op basis van het huidige NBI van de vader…

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 31 maart 2026

Zaakgegevens

Op 31 maart 2026 heeft het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over personen- en familierecht.

Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Zittingsplaats
Leeuwarden
Datum uitspraak
31 maart 2026
Datum publicatie
31 maart 2026
Zaaknummer
200.356.395/01
Procedure
Hoger beroep
Advocaat
mr. W Matadien te Amsterdam, mr. R. Croes-Bleijendaal te Heerhugowaard
ECLI
ECLI:NL:GHARL:2026:1975
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Kinderalimentatie. De behoefte van de kinderen wordt herberekend op basis van het huidige NBI van de vader, omdat dit hoger is dan het gezinsinkomen tijdens de relatie. De vader heeft onvoldoende financiële stukken aangeleverd, waardoor voor wat betreft zijn inkomen vanaf 2025 uitgegaan wordt van zijn verdiencapaciteit.

Uitspraak

GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN

locatie Leeuwarden

afdeling civiel recht

zaaknummer gerechtshof 200.356.395/01

(zaaknummer rechtbank Midden-Nederland 570880)

beschikking van 31 maart 2026

in de zaak van

[verzoeker] (de vader),

die woont in [woonplaats] ,

verzoeker in hoger beroep,

advocaat: mr. W. Matadien te Amsterdam,

en

[verweerster] (de moeder),

die woont in [woonplaats] ,

verweerster in hoger beroep,

advocaat: mr. R. Croes-Bleijendaal te Heerhugowaard.

In zijn toetsende en/of adviserende taak is gekend:

de raad voor de kinderbescherming (de raad)

regio Midden Nederland, locatie Lelystad.

1 De procedure in eerste aanleg

Het hof verwijst voor het geding in eerste aanleg naar de beschikking van de rechtbank Midden-Nederland, locatie Lelystad, van 24 maart 2025, uitgesproken onder voormeld zaaknummer.

2 De procedure in hoger beroep

2.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het beroepschrift met bijlage(n), ingekomen op 24 juni 2025;

- een journaalbericht namens de vader van 18 augustus 2025 met bijlage(n);

- het verweerschrift met bijlage(n);

- de brief van de raad van 20 oktober 2025, waarin de raad zich afmeldt voor de zitting;

- een journaalbericht namens de moeder van 27 januari 2026 met bijlage(n);

- een journaalbericht namens de vader van 29 januari 2026 met bijlage(n);

- een journaalbericht namens de moeder van 9 februari 2026 met bijlage(n).

2.2.

De minderjarige [de minderjarige1] is in de gelegenheid gesteld zijn mening te geven

over dat onderdeel van het verzoek dat betrekking heeft op de zorgregeling. Hij heeft

hiervan geen gebruik gemaakt.

2.3.

De mondelinge behandeling heeft op 10 februari 2026 plaatsgevonden. Verschenen zijn de vader met zijn advocaat en de moeder met haar advocaat.

Ter zitting heeft de advocaat van de vader mede het woord gevoerd aan de hand van een pleitnota, die hij heeft overgelegd.

3 De feiten

3.1.

Het huwelijk van de ouders is op 17 oktober 2022 ontbonden door inschrijving van de echtscheidingsbeschikking in de registers van de burgerlijke stand. De ouders hebben drie kinderen:

  • [de minderjarige1] ( [de minderjarige1] ), geboren [in] 2017;

  • [de minderjarige2] ( [de minderjarige2] ), geboren [in] 2019; en

  • [de minderjarige3] ( [de minderjarige3] ), geboren [in] 2021.

3.2.

Sinds het eindigen van de relatie van de ouders wonen de kinderen bij de moeder. In het bij de echtscheiding opgestelde ouderschapsplan is, voor zover hier van belang, een zorgregeling afgesproken waarbij de kinderen drie van de vier weekenden per maand bij de vader zijn. Ook is afgesproken dat de vader een bedrag van € 50,- per maand aan kinderalimentatie betaalt aan de moeder.

3.3.

In september 2023 zijn via een mediator nieuwe afspraken gemaakt. Afgesproken is dat de kinderen voortaan om het weekend bij de vader zijn en er is een nieuw alimentatiebedrag afgesproken van € 279,- per maand.

4 Het geschil

4.1.

De rechtbank heeft in de thans bestreden beschikking van 24 maart 2025, voor zover hier van belang, de overeengekomen zorgregeling gewijzigd en beslist dat de vader vanaf 1 oktober 2023 een bedrag van € 279,- per maand en vanaf 1 februari 2025 een bedrag van € 683,- per maand moet betalen aan de moeder, als bijdrage in de kosten van verzorging en opvoeding van de kinderen.

4.2.

De vader is met drie grieven in hoger beroep gekomen van de bestreden beschikking. De eerste grief ziet op de zorgregeling. De tweede en derde grief zien op de aan de moeder te betalen kinderalimentatie en op de draagkracht van de vader. Hij verzoekt het hof de beschikking van de rechtbank te vernietigen, een andere zorgregeling vast te stellen en de kinderalimentatie op nihil te stellen, dan wel een kinderalimentatie vast te stellen rekening houdend met zijn juiste inkomen en met zijn werkelijke woonlasten. Ter zitting heeft de vader zijn verzoeken gewijzigd op de wijze zoals hierna is opgenomen.

4.3.

De moeder voert verweer en verzoekt het hof om de vader niet-ontvankelijk te verklaren in zijn hoger beroep, dan wel zijn verzoeken af te wijzen. Zij verzoekt de vader te veroordelen in de proceskosten.

5 De overwegingen voor de beslissing

Zorgregeling

5.1.

De vader heeft ter zitting zijn verzoek met betrekking tot de zorgregeling ingetrokken, zodat het hof daar niet meer over hoeft te beslissen.

Kinderalimentatie

5.2.

De vader heeft ter zitting zijn verzoek aangepast in die zin dat hij het hof verzoekt de kinderalimentatie vast te stellen op het destijds bij de mediator overeengekomen bedrag (€ 279,- in 2023), met inachtneming van de wettelijke indexering.

5.3.

Er is geen grief opgeworpen tegen het oordeel van de rechtbank dat sprake is van een wijziging van omstandigheden, zodat ook het hof daarvan zal uitgaan.

Ingangsdatum

5.4.

Niet in geschil is dat de vader vanaf 1 oktober 2023 € 279,- per maand kinderalimentatie aan de moeder dient te betalen en dat de vader dit ook heeft betaald.

5.5.

Tegen de door de rechtbank bepaalde datum van 1 februari 2025 voor een vanaf dan te wijzigen kinderalimentatie is geen grief gericht, zodat het hof, net als de rechtbank, bij de beoordeling zal uitgaan deze datum.

Aanhechten draagkrachtberekeningen

5.6.

Het hof neemt de systematiek van berekening van de kinderalimentatie op basis van de aanbevelingen van het rapport van de Expertgroep Alimentatie tot uitgangspunt. Het hof zal de berekeningen aan deze beschikking hechten.

Hoogte behoefte kinderen

5.7.

Partijen zijn verdeeld over de behoefte van de kinderen. De vader is van mening dat de grondslag voor het vaststellen van de behoefte moet liggen in het laatste gezamenlijke gezinsinkomen in 2022, van € 2.680,- per maand. Hieruit volgt een behoefte van € 612,- per maand, in 2025 geïndexeerd naar € 716,-. De moeder voert aan dat het actuele inkomen van de vader gebruikt moet worden voor een herberekening van de behoefte van de kinderen, omdat dit het netto gezinsinkomen ten tijde van de relatie overstijgt.

5.8.

Het hof zal, net als de rechtbank, bij de bepaling van de behoefte van de kinderen uitgaan van het hogere inkomen van de vader in 2024. Het hof volgt hierin de aanbevelingen in het rapport van de Expertgroep Alimentatie. Indien het gezinsverband zou hebben voortgeduurd, zou die verhoging namelijk ook een positieve invloed hebben gehad op het bedrag dat voor de kinderen zou zijn uitgegeven.

5.9.

Ter vaststelling van het netto besteedbare inkomen (NBI) van de vader zal het hof uitgaan van het in 2024 door hem verdiende salaris bij de NS. Hiervoor gebruikt het hof de salarisspecificatie van de NS van oktober 2024. Dit is de laatste representatieve specificatie, omdat de vader daarna uit dienst is gegaan. Het hof gaat uit van een inkomen van € 3.288,80 bruto per maand. Verder wordt rekening gehouden met 8% vakantiegeld, een decemberuitkering, onregelmatigheidsvergoedingen, derving SAV, bonus 40 uur werken en premies (WN-premie PAWW, WN-premie WGA, werknemerspremie pensioen, werknemerspremie ANW-hiaat en WGA hiaat extra verzekering).

5.10.

Daarnaast zal het hof, omdat de vader in 2024 ook inkomen had uit zijn onderneming, uitgaan van de gemiddelde winst uit onderneming in 2023 (€ 8.320,-) en 2024 (€ 25.714,-). Dit komt neer op € 17.017,- per jaar.

Het hof acht dit bedrag passend, omdat het duidelijk is dat de inkomsten van de vader uit zijn onderneming weliswaar structureel van aard zijn, maar in hoogte kunnen wisselen, afhankelijk van externe invloeden. Het hof acht het daarom niet passend om 2022 als derde jaar bij de vergelijking te betrekken, omdat dat jaar niet representatief wordt geacht vanwege corona-restricties die het resultaat in negatieve zin hebben beïnvloed. Het inkomen over 2025 is door de vader onvoldoende onderbouwd en kan om die reden niet worden meegenomen.

5.11.

Op grond van de als bijlage 1 aangehechte berekening becijfert het hof het NBI van de vader op € 3.612,- in 2024. Het hof heeft bij de berekening daarvan geen rekening gehouden met een zelfstandigenaftrek omdat de vader dat in zijn berekening evenmin heeft gedaan en niet is gebleken dat hij daarvoor in aanmerking komt. Dit bedrag is zodanig hoger dan het eerdere gezamenlijke gezinsinkomen van € 2.680,- per maand dat het hof het gerechtvaardigd acht de behoefte van de kinderen opnieuw vast te stellen. Daarvoor maakt het hof gebruik van de tabellen die het Nederlands Instituut voor Budgetvoorlichting (Nibud) heeft ontwikkeld. Uit de tabellen volgt dat ouders van drie kinderen in 2024 bij een besteedbaar inkomen van € 3.612,- een eigen aandeel in de kosten van hun kinderen hadden van € 880,- per maand. Geïndexeerd naar 2025 is dat € 937,-.

Draagkracht van de ouders

5.12.

De ouders dienen samen, naar rato van hun draagkracht te voorzien in de behoefte van de kinderen. Gelet op de hiervoor onder 5.5 genoemde ingangsdatum van de wijziging zal het hof de draagkracht beoordelen vanaf 1 februari 2025.

Draagkracht van de moeder

5.13.

De vader stelt dat voor de moeder uit moet worden gegaan van een (niet nader uitgewerkte) verdiencapaciteit en dat hij vermoedt dat zij zwart werkt. Door de vader wordt deze stelling onvoldoende onderbouwd. Het in het geding brengen van een reeks foto’s die suggereren dat de moeder regelmatig op vakantie is, is daartoe onvoldoende. Het hof gaat daarom aan dit verweer voorbij. Uit de door de moeder aangeleverde stukken blijkt dat zij een WIA-uitkering met toeslagen ontvangt. In 2025 betrof dit, uitgaande van een betaalspecificatie van het UWV van november 2025 € 1.474,44 bruto per maand. Inclusief vakantietoeslag, kindgebonden budget en alleenstaande ouderkop is dit een NBI voor de moeder van € 2.188,-. De draagkracht van de moeder is bij dit NBI € 155,- per maand, zoals volgt uit de als bijlage 2 aangehechte berekening.

Draagkracht van de vader

5.14.

Op de vader rust een inspanningsverplichting om ervoor te zorgen dat hij een zodanig inkomen verdient dat hij daarmee aan zijn onderhoudsverplichting jegens zijn kinderen kan voldoen. Daarbij geldt dat het bij de bepaling van de draagkracht van een onderhoudsplichtige niet alleen aankomt op het inkomen dat de onderhoudsplichtige daadwerkelijk verwerft, maar dat daarbij ook rekening dient te worden gehouden met het inkomen dat hij geacht kan worden zich redelijkerwijs in de naaste toekomst te verwerven, ofwel de verdiencapaciteit.

Door de vader is gesteld, maar niet met stukken onderbouwd, dat hij gedurende 2025 niet kon werken omdat hij ziek zou zijn. Ook heeft hij niet aangetoond welke inspanningen hij doet om opnieuw werk te vinden. Het had op de weg van de vader gelegen om zijn stellingen ten aanzien van zijn inkomen na 2024 te onderbouwen met stukken. Dat heeft hij nagelaten. De stukken die de vader heeft overgelegd leiden niet tot een compleet en verifieerbaar beeld van zijn inkomsten. Dit leidt ertoe dat het hof het huidige inkomen van de vader niet kan vaststellen en dus een verdiencapaciteit zal bepalen.

Het hof zal voor de draagkracht van de vader vanaf 2025 uitgaan van een verdiencapaciteit gelijk aan zijn inkomen uit 2024. Het is het hof niet gebleken dat de bedragen uit 2024 zodanig hoog zijn dat van de vader in redelijkheid niet kan worden verwacht dat hij een dergelijk inkomen opnieuw kan verwerven.

Met verwijzing naar de als bijlage 3 aangehechte berekening levert dit in 2025 voor de vader een NBI op van € 3.662,- en een draagkracht van € 877,- per maand.

5.15.

Het hof ziet, anders dan de vader wenst, geen aanleiding om af te wijken van het berekende woonbudget van € 1.099,-. In het Rapport alimentatienormen 2025 van de Expertgroep Alimentatie blijkt uit paragraaf 4.2.2.4 dat er rekening gehouden kan worden met duurzaam aanmerkelijk hogere woonlasten bij een onderhoudsplichtige, als die lasten niet vermijdbaar zijn en niet aan de onderhoudsplichtige kunnen worden verweten. In paragraaf 4.6.2 van het rapport wordt dit nader toegelicht, en blijkt dat een last die ergens anders binnen het budget kan worden opgevangen, vermijdbaar wordt geacht. Het verschil tussen het forfaitaire woonbudget en de daadwerkelijk verschuldigde huur, in 2024 € 1.358,56, kan door de vader opgevangen worden met zijn draagkrachtvrije ruimte. Het hof merkt op dat ook wanneer dit niet het geval zou zijn en het verschil in woonlasten als niet-vermijdbaar en niet-verwijtbaar zou gelden, door de vader niet is aangevoerd waarom deze last voorrang zou moeten hebben op de kosten van de verzorging en opvoeding van de kinderen.

Verdeling van de kosten

5.16.

De totale draagkracht van de ouders is € 155,- + € 877,- = € 1.032,- per maand. Dit is genoeg om volledig in de behoefte van de kinderen te kunnen voorzien, want die behoefte bedraagt in 2025 € 937,- per maand.

Met verwijzing naar de als bijlage 4 aangehechte berekening is het aandeel van de vader in de kosten van de verzorging en opvoeding van de kinderen € 795,- per maand. Het aandeel van de moeder is € 141,- per maand.

Zorgkorting

5.17.

De kosten van de verdeling van de zorg worden in aanmerking genomen als een percentage van de behoefte, de zorgkorting. Het percentage van de zorgkorting is afhankelijk van de frequentie van de zorg. De rechtbank heeft bepaald dat er op grond van de zorgregeling die tussen partijen geldt een zorgkorting van 25% toegepast moet worden. Hiertegen is geen grief opgeworpen, zodat ook het hof zal uitgaan van een zorgkorting van 25%. Met verwijzing naar de als bijlage 4 aangehechte berekening betekent dit dat de vader vanaf 1 februari 2025 een bedrag van € 561,- per maand aan de moeder moet betalen, ofwel € 187,- per kind per maand.

5.18.

Met toepassing van de wettelijke indexering bedraagt genoemde bijdrage met ingang van 1 januari 2026 € 585,- per maand, ofwel € 195,- per kind per maand.

Proceskosten

5.19.

Het hof is van oordeel dat er veel aan te merken valt op de manier waarop de vader procedeert. Hij heeft meerdere mogelijkheden gehad zijn stellingen te onderbouwen met de benodigde stukken, maar heeft dit steeds nagelaten. Het dossier is hierdoor nog altijd verre van compleet. Deze wijze van procederen kan de vader worden aangerekend. Omdat de beslissing van hof iets afwijkt van die van de rechtbank kan echter niet worden gesteld dat er in zodanige mate nodeloos is geprocedeerd dat er aanleiding is af te wijken van de gebruikelijke compensatie van proceskosten in familierechtelijke procedures. Het hof zal daarom de proceskosten compenseren, in die zin dat elke partij de eigen kosten draagt.

6 De beslissing

Het hof, beschikkende in hoger beroep:

6.1.

vernietigt de beschikking van de rechtbank Midden-Nederland, locatie Lelystad, van 24 maart 2025, voor zover aan het oordeel van het hof onderworpen, en in zoverre opnieuw beschikkende:

6.2.

wijzigt de beschikking van de rechtbank Limburg, locatie Roermond, van 29 september 2022 en het daarbij aangehechte ouderschapsplan ten aanzien van de kinderalimentatie als volgt:

6.3.

bepaalt dat de vader aan de moeder als bijdrage in de kosten van verzorging en opvoeding van [de minderjarige1] , geboren [in] 2017, [de minderjarige2] , geboren [in] 2019 en [de minderjarige3] , geboren [in] 2021, dient te betalen:

  • met ingang van 1 oktober 2023 een bedrag van in totaal € 279,- per maand;

  • met ingang van 1 februari 2025 een bedrag van € 187,- per kind per maand;

  • met ingang van 1 januari 2026 een bedrag van € 195,- per kind per maand;

de toekomstige termijnen steeds bij vooruitbetaling te voldoen;

6.4.

verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad;

6.5.

compenseert de kosten van het geding in die zin, dat elke partij de eigen kosten draagt;

6.6.

wijst het meer of anders verzochte af.

Deze beschikking is gegeven door mr. L. van Dijk, mr. J.G. Knot en mr. A.K. Oostlander-Vos, bijgestaan door mr. M.C. Eisses als griffier, en is op 31 maart 2026 uitgesproken in het openbaar in tegenwoordigheid van de griffier.

Zaak

Alimentatieplichtige / Alimentatiegerechtigde (200.356.395)

Berekening

berekening behoefte kinderen

Tarieven

2024-2

Datum uitdraai

03-03-2026

Kenmerk

Bijlage 1

[afbeelding niet beschikbaar]

[afbeelding niet beschikbaar] Box 1 Inkomen uit werk en woning

[afbeelding niet beschikbaar] Loon (41-50)

41

Bruto arbeidsinkomen uit dienstbetrekking

€

39.468

44

Vakantietoeslag

€

3.157

46a

Inkomsten uit overwerk waarover geen vakantietoeslag wordt berekend

€

1.884

48

Belaste gratificaties, tantièmes, eindejaarsuitkering

€

1.272

[afbeelding niet beschikbaar]

[afbeelding niet beschikbaar]Bruto inkomsten

[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]

[afbeelding niet beschikbaar]€

[afbeelding niet beschikbaar]45.781

Specificaties voor post: 46a (Optellen)

onregelmatigheidstoeslag okt 24 (2,63 + 11,56): 14,19

€

168

jaar

derving SAV, okt 2024: 61,05

€

732

jaar

bonus 40 uur werken okt 2024: 82,22

€

984

jaar

Specificaties voor post: 48 (Optellen)

in okt 2024 cumulatief: 1056 /10 = 106

€

1.272

jaar

[afbeelding niet beschikbaar] Premies (51-59)

[afbeelding niet beschikbaar] Pensioenpremie

53

Aanvullende pensioenpremie / premie reparatie WAO/WIA-gat

-

€

2.664

54

Loon voor de premies werknemersverzekeringen

€

43.117

Specificaties voor post: 53 (Optellen)

WN-premie PAWW - 2,75

€

24

jaar

WN-premie WGA - 5,80

€

72

jaar

Werknemerspremie pensioen - 202,77

€

2.436

jaar

Werknemerspr. ANW-hiaat - 3,06

€

36

jaar

WGA hiaat extra verz. - 8,07

€

96

jaar

[afbeelding niet beschikbaar]59

[afbeelding niet beschikbaar]Inkomsten

[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]

[afbeelding niet beschikbaar]€

[afbeelding niet beschikbaar]43.117

[afbeelding niet beschikbaar] Belastbaar loon (61-64)

[afbeelding niet beschikbaar]64

[afbeelding niet beschikbaar]Belastbaar loon

[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]

[afbeelding niet beschikbaar]€

[afbeelding niet beschikbaar]43.117

[afbeelding niet beschikbaar] Winst uit onderneming (65-75)

65

Winst uit onderneming (voor ondernemersaftrek)

€

17.017

70

Winst uit onderneming

€

17.017

Specificaties voor post: 65 (Gemiddelde)

2023

€

8.320

jaar

2024

€

25.714

jaar

[afbeelding niet beschikbaar] Ondernemersaftrek

MKB Winstvrijstelling

-

€

2.265

[afbeelding niet beschikbaar]75

[afbeelding niet beschikbaar]Belastbare winst uit onderneming

[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]

[afbeelding niet beschikbaar]€

[afbeelding niet beschikbaar]14.752

[afbeelding niet beschikbaar] Heffing box 1 (94-95)

[afbeelding niet beschikbaar]94

[afbeelding niet beschikbaar]Belastbaar inkomen uit werk en woning

[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]

[afbeelding niet beschikbaar]€

[afbeelding niet beschikbaar]57.869

- Schijf 1a, 36,97% (19,07%) over € 0 t/m € 38.097 (€ 40.020)

€

14.084

- Schijf 1b, 36,97% over € 38.098 (€ 40.021) t/m € 75.517

€

7.309

[afbeelding niet beschikbaar]95

[afbeelding niet beschikbaar]Inkomensheffing box 1

[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]

[afbeelding niet beschikbaar]€

[afbeelding niet beschikbaar]21.393

[afbeelding niet beschikbaar] Besteedbaar inkomen (113-120)

113

Inkomen voor aftrek inkomensheffing

€

60.134

114

Inkomensheffing box 1, inkomstenbelasting box 2 en 3

€

21.393

115/116

Heffingskorting en standaard heffingskorting

-

€

5.390

117

Verschuldigde inkomensheffing

-

€

16.003

[afbeelding niet beschikbaar]

[afbeelding niet beschikbaar]Inkomen na aftrek inkomensheffing

[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]

[afbeelding niet beschikbaar]€

[afbeelding niet beschikbaar]44.131

Specificaties voor post: 115/116

Algemene Heffingskorting

€

1.171

jaar

Arbeidskorting

€

4.219

jaar

[afbeelding niet beschikbaar] 117a Op aanslag verschuldigde inkomensafhankelijke bijdrage ZVW

Winst uit onderneming

€

14.752

Totaal inkomen waarover op aanslag een bijdrage ZVW is verschuldigd

€

14.752

Maximum bijdrage loon

€

71.628

Af: Bruto salaris waarover werkgever ZVW premie heeft afgedragen

-

€

45.781

Maximum inkomen waarover bijdrage is verschuldigd

€

25.847

Inkomen waarover op aanslag een bijdrage ZVW is verschuldigd

€

14.752

Percentage Zvw

%

5,32

Totaal inkomensafhankelijke bijdrage ZVW

€

785

Saldo verschuldigde bijdrage inkomensafhankelijke bijdrage ZVW

-

€

785

[afbeelding niet beschikbaar]

[afbeelding niet beschikbaar]Totale inkomsten

[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]

[afbeelding niet beschikbaar]€

[afbeelding niet beschikbaar]43.346

[afbeelding niet beschikbaar]120

[afbeelding niet beschikbaar]Besteedbaar inkomen

[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]

[afbeelding niet beschikbaar]€

[afbeelding niet beschikbaar]43.346

[afbeelding niet beschikbaar] 120a

[afbeelding niet beschikbaar]

[afbeelding niet beschikbaar]Netto besteedbaar inkomen (per jaar)

[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]

[afbeelding niet beschikbaar]€

[afbeelding niet beschikbaar]43.346

120a

Netto besteedbaar inkomen (per maand)

€

3.612

[afbeelding niet beschikbaar] Eigen aandeel kosten kinderen

[afbeelding niet beschikbaar] Eigen aandeel kosten kinderen

[afbeelding niet beschikbaar] Alimentatieplichtige

NBI totaal

€

3.612

Tabel aantal kinderen

3

Eigen aandeel in de kosten kinderen volgens tabel

€

880

#

Indexeren

ja

Startjaar

2024

Eindjaar

2025

[afbeelding niet beschikbaar]

[afbeelding niet beschikbaar]Eigen aandeel geïndexeerd

[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]

[afbeelding niet beschikbaar]€

[afbeelding niet beschikbaar]937

Partij

Alimentatiegerechtigde

Zaak

Alimentatieplichtige / Alimentatiegerechtigde (200.356.395)

Berekening

berekening draagkracht 2025

Tarieven

2025-1

Datum uitdraai

03-03-2026

Kenmerk

Bijlage 2

[afbeelding niet beschikbaar]

[afbeelding niet beschikbaar] Box 1 Inkomen uit werk en woning

[afbeelding niet beschikbaar] Loon (41-50)

43

Bruto uitkering andere sociale verzekeringswetten

€

17.688

44

Vakantietoeslag

€

1.415

[afbeelding niet beschikbaar]

[afbeelding niet beschikbaar]Bruto inkomsten

[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]

[afbeelding niet beschikbaar]€

[afbeelding niet beschikbaar]19.103

[afbeelding niet beschikbaar] Premies (51-59)

[afbeelding niet beschikbaar] Pensioenpremie

54

Loon voor de premies werknemersverzekeringen

€

19.103

[afbeelding niet beschikbaar]59

[afbeelding niet beschikbaar]Inkomsten

[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]

[afbeelding niet beschikbaar]€

[afbeelding niet beschikbaar]19.103

[afbeelding niet beschikbaar] Belastbaar loon (61-64)

[afbeelding niet beschikbaar]64

[afbeelding niet beschikbaar]Belastbaar loon

[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]

[afbeelding niet beschikbaar]€

[afbeelding niet beschikbaar]19.103

[afbeelding niet beschikbaar] Heffing box 1 (94-95)

[afbeelding niet beschikbaar]94

[afbeelding niet beschikbaar]Belastbaar inkomen uit werk en woning

[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]

[afbeelding niet beschikbaar]€

[afbeelding niet beschikbaar]19.103

- Schijf 1, 35,82% (17,92%) over € 0 t/m € 38.440 (€ 40.501)

€

6.842

[afbeelding niet beschikbaar]95

[afbeelding niet beschikbaar]Inkomensheffing box 1

[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]

[afbeelding niet beschikbaar]€

[afbeelding niet beschikbaar]6.842

[afbeelding niet beschikbaar] Besteedbaar inkomen (113-120)

113

Inkomen voor aftrek inkomensheffing

€

19.103

114

Inkomensheffing box 1, inkomstenbelasting box 2 en 3

€

6.842

115/116

Heffingskorting en standaard heffingskorting

-

€

3.068

117

Verschuldigde inkomensheffing

-

€

3.774

[afbeelding niet beschikbaar]

[afbeelding niet beschikbaar]Inkomen na aftrek inkomensheffing

[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]

[afbeelding niet beschikbaar]€

[afbeelding niet beschikbaar]15.329

Specificaties voor post: 115/116

Algemene Heffingskorting

€

3.068

jaar

Bij: Kindgebonden budget

€

10.922

[afbeelding niet beschikbaar]120

[afbeelding niet beschikbaar]Besteedbaar inkomen

[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]

[afbeelding niet beschikbaar]€

[afbeelding niet beschikbaar]26.251

[afbeelding niet beschikbaar] 120a

[afbeelding niet beschikbaar]

[afbeelding niet beschikbaar]Netto besteedbaar inkomen (per jaar)

[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]

[afbeelding niet beschikbaar]€

[afbeelding niet beschikbaar]26.251

120a

Netto besteedbaar inkomen (per maand)

€

2.188

[afbeelding niet beschikbaar] Draagkracht tbv kinderalimentatie

[afbeelding niet beschikbaar] Draagkracht tbv kinderalimentatie

120a

Netto besteedbaar inkomen tbv kinderalimentatie

€

2.188

Draagkracht wordt berekend op basis van

Formule

122a

Kosten van levensonderhoud

€

1.310

123a

Woonbudget

€

656

135a

Draagkrachtloos inkomen tbv kinderalimentatie

€

1.966

136a

Draagkrachtruimte

€

222

137a

Draagkrachtpercentage

%

70

Beschikbaar

€

155

140a

Draagkracht tbv kinderalimentatie

€

155

Partij

Alimentatieplichtige

Zaak

Alimentatieplichtige / Alimentatiegerechtigde (200.356.395)

Berekening

berekening draagkracht 2025

Tarieven

2025-1

Datum uitdraai

03-03-2026

Kenmerk

Bijlage 3

[afbeelding niet beschikbaar]

[afbeelding niet beschikbaar] Box 1 Inkomen uit werk en woning

[afbeelding niet beschikbaar] Loon (41-50)

41

Bruto arbeidsinkomen uit dienstbetrekking

€

39.468

44

Vakantietoeslag

€

3.157

46a

Inkomsten uit overwerk waarover geen vakantietoeslag wordt berekend

€

1.890

48

Belaste gratificaties, tantièmes, eindejaarsuitkering

€

1.272

[afbeelding niet beschikbaar]

[afbeelding niet beschikbaar]Bruto inkomsten

[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]

[afbeelding niet beschikbaar]€

[afbeelding niet beschikbaar]45.787

[afbeelding niet beschikbaar] Premies (51-59)

[afbeelding niet beschikbaar] Pensioenpremie

53

Aanvullende pensioenpremie / premie reparatie WAO/WIA-gat

-

€

2.664

54

Loon voor de premies werknemersverzekeringen

€

43.123

Specificaties voor post: 53 (Optellen)

WN-premie PAWW - 2,75

€

24

jaar

WN-premie WGA - 5,80

€

72

jaar

Werknemerspremie pensioen - 202,77

€

2.436

jaar

Werknemerspr. ANW-hiaat - 3,06

€

36

jaar

WGA hiaat extra verz. - 8,07

€

96

jaar

[afbeelding niet beschikbaar]59

[afbeelding niet beschikbaar]Inkomsten

[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]

[afbeelding niet beschikbaar]€

[afbeelding niet beschikbaar]43.123

[afbeelding niet beschikbaar] Belastbaar loon (61-64)

[afbeelding niet beschikbaar]64

[afbeelding niet beschikbaar]Belastbaar loon

[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]

[afbeelding niet beschikbaar]€

[afbeelding niet beschikbaar]43.123

[afbeelding niet beschikbaar] Winst uit onderneming (65-75)

65

Winst uit onderneming (voor ondernemersaftrek)

€

17.017

70

Winst uit onderneming

€

17.017

Specificaties voor post: 65 (Gemiddelde)

2023

€

8.320

jaar

2024

€

25.714

jaar

[afbeelding niet beschikbaar] Ondernemersaftrek

MKB Winstvrijstelling

-

€

2.161

[afbeelding niet beschikbaar]75

[afbeelding niet beschikbaar]Belastbare winst uit onderneming

[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]

[afbeelding niet beschikbaar]€

[afbeelding niet beschikbaar]14.856

[afbeelding niet beschikbaar] Heffing box 1 (94-95)

[afbeelding niet beschikbaar]94

[afbeelding niet beschikbaar]Belastbaar inkomen uit werk en woning

[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]

[afbeelding niet beschikbaar]€

[afbeelding niet beschikbaar]57.979

- Schijf 1, 35,82% (17,92%) over € 0 t/m € 38.440 (€ 40.501)

€

13.769

- Schijf 2, 37,48% over € 38.441 (€ 40.502) t/m € 76.817

€

7.323

[afbeelding niet beschikbaar]95

[afbeelding niet beschikbaar]Inkomensheffing box 1

[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]

[afbeelding niet beschikbaar]€

[afbeelding niet beschikbaar]21.092

[afbeelding niet beschikbaar] Besteedbaar inkomen (113-120)

113

Inkomen voor aftrek inkomensheffing

€

60.140

114

Inkomensheffing box 1, inkomstenbelasting box 2 en 3

€

21.092

115/116

Heffingskorting en standaard heffingskorting

-

€

5.682

117

Verschuldigde inkomensheffing

-

€

15.410

[afbeelding niet beschikbaar]

[afbeelding niet beschikbaar]Inkomen na aftrek inkomensheffing

[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]

[afbeelding niet beschikbaar]€

[afbeelding niet beschikbaar]44.730

Specificaties voor post: 115/116

Algemene Heffingskorting

€

1.194

jaar

Arbeidskorting

€

4.488

jaar

[afbeelding niet beschikbaar] 117a Op aanslag verschuldigde inkomensafhankelijke bijdrage ZVW

Winst uit onderneming

€

14.856

Totaal inkomen waarover op aanslag een bijdrage ZVW is verschuldigd

€

14.856

Maximum bijdrage loon

€

75.864

Af: Bruto salaris waarover werkgever ZVW premie heeft afgedragen

-

€

45.787

Maximum inkomen waarover bijdrage is verschuldigd

€

30.077

Inkomen waarover op aanslag een bijdrage ZVW is verschuldigd

€

14.856

Percentage Zvw

%

5,26

Totaal inkomensafhankelijke bijdrage ZVW

€

781

Saldo verschuldigde bijdrage inkomensafhankelijke bijdrage ZVW

-

€

781

[afbeelding niet beschikbaar]120

[afbeelding niet beschikbaar]Besteedbaar inkomen

[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]

[afbeelding niet beschikbaar]€

[afbeelding niet beschikbaar]43.949

[afbeelding niet beschikbaar] 120a

[afbeelding niet beschikbaar]

[afbeelding niet beschikbaar]Netto besteedbaar inkomen (per jaar)

[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]

[afbeelding niet beschikbaar]€

[afbeelding niet beschikbaar]43.949

120a

Netto besteedbaar inkomen (per maand)

€

3.662

[afbeelding niet beschikbaar] Draagkracht tbv kinderalimentatie

[afbeelding niet beschikbaar] Draagkracht tbv kinderalimentatie

120a

Netto besteedbaar inkomen tbv kinderalimentatie

€

3.662

Draagkracht wordt berekend op basis van

Formule

122a

Kosten van levensonderhoud

€

1.310

123a

Woonbudget

€

1.099

135a

Draagkrachtloos inkomen tbv kinderalimentatie

€

2.409

136a

Draagkrachtruimte

€

1.253

137a

Draagkrachtpercentage

%

70

Beschikbaar

€

877

140a

Draagkracht tbv kinderalimentatie

€

877

Berekening en verdeling van de kosten van de kinderen

Zaak

Alimentatieplichtige / Alimentatiegerechtigde (200.356.395)

Tarieven

2025-1

Datum uitdraai

03-03-2026

Kenmerk

Bijlage 4

Alimentatieplichtige

Alimentatiegerechtigde

Kindgebonden budget na scheiding

€

0

€

628

Alleenstaande ouderkop

€

0

€

282

Totaal netto besteedbaar inkomen na scheiding (NBI incl. KGB/AOK)

€

3.662

€

2.188

Aantal kinderen

3

Kind 1

Kind 2

Kind 3

Leeftijd

3

5

8

Woont bij

AP

0

0

0

AG

1

1

1

Ex-partner

0

0

0

Zorgkorting Alimentatiegerechtigde

%

0

0

0

Zorgkorting Alimentatieplichtige

%

25

25

25

Zorgkorting tbv.

AP

AP

AP

Kind 1

Kind 2

Kind 3

Totaal

Bijdrage ouders in kosten kinderen

€ p/m

312

312

312

936

Netto kinderopvangkosten na scheiding

€ p/m

0

0

0

0

Overige kosten kinderen na scheiding

€ p/m

0

0

0

0

Totale kosten kinderen na scheiding

€ p/m

312

312

312

936


Zorgkorting


€ p/m


78


78


78


234

Draagkracht

Alimentatieplichtige

Draagkracht verdeeld naar rato van behoefte

€ p/m

292

292

292

877

Draagkracht Alimentatieplichtige per kind

€ p/m

292

292

292

877

Draagkracht Alimentatieplichtige

€ p/m

292

292

292

877

Alimentatiegerechtigde

Draagkracht verdeeld naar rato van behoefte

€ p/m

52

52

52

155

Draagkracht Alimentatiegerechtigde per kind

€ p/m

52

52

52

155

Draagkracht Alimentatiegerechtigde

€ p/m

52

52

52

155

Gezamenlijke draagkracht onderhoudsplichtige(n) per kind

€ p/m

344

344

344

1.032

Bijdrage kosten kinderen


Aandeel Alimentatieplichtige


€ p/m


265


265


265


795


Af: zorgkorting


€ p/m


- 78


- 78


- 78


- 234

Ten laste van Alimentatieplichtige na aftrek zorgkorting

€ p/m

187

187

187

561


Aandeel Alimentatiegerechtigde


€ p/m


47


47


47


141


Af: zorgkorting


€ p/m


- 0


- 0


- 0


- 0

Ten laste van Alimentatiegerechtigde na aftrek zorgkorting

€ p/m

47

47

47

141