Materieel strafrecht
De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan diefstal. Het hof verklaart niet bewezen dat de verdachte het…
ECLI:NL:GHDHA:2016:2802 · Gerechtshof Den Haag · 21 september 2016
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-den-haag/strafrecht/materieel-strafrecht/hoger-beroep/ecli-nl-ghdha-2016-2802
Zaakgegevens
Op 21 september 2016 heeft het Gerechtshof Den Haag in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over materieel strafrecht.
- Instantie
- Gerechtshof Den HaagGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Den Haag
- Datum uitspraak
- 21 september 2016
- Datum publicatie
- 26 september 2016
- Zaaknummer
- 22-000860-16
- Rechtsgebied
- Strafrecht Materieel strafrecht
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:GHDHA:2016:2802
Samenvatting
De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan diefstal.
Het hof verklaart niet bewezen dat de verdachte het primair en subsidiair ten laste gelegde heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij.
Uitspraak
Inhoudsopgave
Rolnummer: 22-000860-16
Parketnummer: 09-232425-15
Datum uitspraak: 21 september 2016
TEGENSPRAAK
Gerechtshof Den Haag
meervoudige kamer voor strafzaken
Arrest
gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Den Haag van 9 februari 2016 in de strafzaak tegen de verdachte:
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortejaar] 1996,
[adres].
Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg en het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep van dit hof van
7 september 2016.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door en namens de verdachte naar voren is gebracht.
Procesgang
In eerste aanleg is de verdachte ter zake van het primair ten laste gelegde veroordeeld tot een taakstraf voor de duur van vijftig uren, subsidiair vijfentwintig dagen hechtenis, met aftrek van voorarrest.
Namens de verdachte is tegen het vonnis hoger beroep ingesteld.
Tenlastelegging
Aan de verdachte is - na wijziging van de tenlastelegging ter terechtzitting in eerste aanleg - ten laste gelegd dat:
hij op of omstreeks 30 oktober 2015 te Katwijkmet het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening , tezamen en in vereniging met een of meer ander(en) en/of alleen, heeft weggenomen diverse sieraden, te weten:
- drie, althans een of meer gouden armbandjes en/of
– een of meer gouden oorbellen en/of
- een gouden broche en/of
- een of meer gouden bedeltjes en/of
- een zilveren ketting met bedeltjes en/of
- meerdere kleine sieraden, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde partij], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of van zijn mededader(s);
subsidiair indien voorgaande niet tot bewezenverklaring leidt:
hij op één of meerdere tijdstippen in of omstreeks de periode van 30 oktober 2015 tot en met 2 november 2015 te Katwijk en/of Leiden en/of elders in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
- diverse sieraden, en/of
- een gouden armband en/of
– een zilveren oorbel en/of
- een zilveren armband heeft verworven, voorhanden heeft gehad en/of heeft overgedragen, terwijl hij en/of zijn mededader(s) ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van deze sieraden wist(en) dat het (een) door misdrijf verkregen goed(eren) betrof.
Het vonnis waarvan beroep
Het vonnis waarvan beroep kan niet in stand blijven omdat het hof zich daarmee niet verenigt.
Vrijspraak
Naar het oordeel van het hof is niet wettig en overtuigend bewezen hetgeen aan de verdachte primair en subsidiair is ten laste gelegd, zodat de verdachte daarvan –overeenkomstig de vordering van de advocaat-generaal- behoort te worden vrijgesproken.
BESLISSING
Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Verklaart niet bewezen dat de verdachte het primair en subsidiair ten laste gelegde heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij.
Dit arrest is gewezen door mr. M.J. de Haan-Boerdijk,
mr. J.M. van de Poll en mr. A.W.M. Bijloos, in bijzijn van de griffier A. van der Schalk.
Het is uitgesproken op de openbare terechtzitting van het hof van 21 september 2016.
Mr. A.W.M. Bijloos is buiten staat dit arrest te ondertekenen.