Strafrecht overig
Verdachte is niet ontvankelijk verklaard in het hoger beroep. Gepubliceerd naar aanleiding van het arrest van…
Gerechtshof Den Haag, 28 maart 2025
ECLI:NL:GHDHA:2025:3059 · Gerechtshof Den Haag · 28 maart 2025
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-den-haag/strafrecht/strafrecht-overig/hoger-beroep/ecli-nl-ghdha-2025-3059
Zaakgegevens
Op 28 maart 2025 heeft het Gerechtshof Den Haag in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Gerechtshof Den HaagGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Den Haag
- Datum uitspraak
- 28 maart 2025
- Datum publicatie
- 15 juli 2026
- Zaaknummer
- 22-001892-24
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:GHDHA:2025:3059
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Verdachte is niet ontvankelijk verklaard in het hoger beroep.
Gepubliceerd naar aanleiding van het arrest van de Hoge Raad.
Procesgang
Gerechtshof Den Haag · 28 maart 2025deze uitspraak
ECLI:NL:GHDHA:2025:3059
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 9 juni 2026
ECLI:NL:PHR:2026:555Hoge Raad · 30 juni 2026
ECLI:NL:HR:2026:1119
Uitspraak
Gerechtshof Den Haag
enkelvoudige kamer voor strafzaken
Rolnummer: 22-001892-24
Parketnummers: 96-072258-21 en 96-200118-19 (TUL)
VERSTEK
Uitspraak van mr. A.M.P. Gaakeer van 28 maart 2025 in de zaak tegen de verdachte:
naam: [achternaam verdachte] ,
voornamen: [voornamen verdachte] ,
geboren op [geboortedatum] 1991 te [geboorteplaats] ,
thans zonder bekende woon- of verblijfplaats hier te lande,
huidige BRP-adres: [BRP-adres] te [woonplaats] (Suriname).
Ontvankelijkheid van de verdachte in het hoger beroep
De verdachte heeft niet een schriftuur met grieven tegen het vonnis ingediend. Evenmin heeft hij ter terechtzitting in hoger beroep mondeling bezwaren tegen het vonnis opgegeven. Het hof ziet ambtshalve geen redenen voor een inhoudelijke behandeling van de zaak in hoger beroep. Daarom zal de verdachte, gelet op het bepaalde in artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, niet-ontvankelijk worden verklaard in het hoger beroep.
BESLISSING
Het hof:
Verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep.
mr. A.M.P. Gaakeer