Personen- en familierecht
Appel tegen de beslissing op grond van artikel 18, lid 2 van de Rijkswet op het Nederlanderschap is niet…
Gerechtshof 's-Gravenhage, 21 oktober 2012
ECLI:NL:GHSGR:2012:BY2677 · Gerechtshof 's-Gravenhage · 21 oktober 2012
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-s-gravenhage/civiel-recht/personen-en-familierecht/hoger-beroep/ecli-nl-ghsgr-2012-by2677
Zaakgegevens
Op 21 oktober 2012 heeft het Gerechtshof 's-Gravenhage in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over personen- en familierecht.
- Instantie
- Gerechtshof 's-GravenhageGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 21 oktober 2012
- Datum publicatie
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- 200.109.551.01
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Personen- en familierecht
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:GHSGR:2012:BY2677
Samenvatting
Appel tegen de beslissing op grond van artikel 18, lid 2 van de Rijkswet op het Nederlanderschap is niet mogelijk; geen sprake van uitzondering (doorbrekingsgronden). Gevolg: niet ontvankelijkheid.
Procesgang
Rechtbank 's-Gravenhage · 5 april 2012
ECLI:NL:RBSGR:2012:BW2791Gerechtshof 's-Gravenhage · 21 oktober 2012deze uitspraak
ECLI:NL:GHSGR:2012:BY2677
Niet ontvankelijkNiet-ontvankelijkDe rechter behandelt de zaak niet inhoudelijk, omdat niet aan een formele eis is voldaan, bijvoorbeeld omdat iemand te laat is.Meer uitleg
Uitspraak
GERECHTSHOF ‘s-GRAVENHAGE
Sector Civiel recht
Uitspraak : 10 oktober 2012
Zaaknummer : 200.109.551/01
Rekestnummer rechtbank : HA RK 10-75
[verzoeker],
wonende te [woonplaats],
verzoeker,
hierna te noemen: de man,
advocaat mr. A.L. Ruiter te Enschede,
tegen
DE STAAT DER NEDERLANDEN
(Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties Immigratie- en Naturalisatiedienst),
zetelende te ’s-Gravenhage,
verweerder in hoger beroep.
PROCESVERLOOP IN HOGER BEROEP
De man is op 4 juli 2012 in hoger beroep gekomen van een beschikking van 5 april 2012 van de rechtbank ’s-Gravenhage.
Op 21 september 2012 is de ontvankelijkheid van het verzoek in hoger beroep, door mr. Lückers als raadsheer-commissaris, mondeling behandeld.
Partijen zijn, hoewel daartoe behoorlijk opgeroepen, niet verschenen.
PROCESVERLOOP IN EERSTE AANLEG EN VASTSTAANDE FEITEN
Voor het procesverloop en de beslissing in eerste aanleg verwijst het hof naar de bestreden beschikking.
Bij die beschikking heeft de rechtbank het verzoek van de man, vast te stellen dat hij de Nederlandse nationaliteit bezit, afgewezen.
DE ONTVANKELIJKEID VAN HET HOGER BEROEP
1. De man heeft beroep ingesteld tegen een beschikking als bedoeld in artikel 18, tweede lid, van de Rijkswet op het Nederlanderschap. Uit dit wetsartikel blijkt dat tegen de beschikking van de rechtbank geen hogere voorziening openstaat behoudens cassatie in het belang der wet.
2. Tegen de op grond van artikel 18, tweede lid, van de Rijkswet op het Nederlanderschap gegeven beschikkingen staan geen hogere voorzieningen open, behoudens cassatie in het belang der wet. Uit vaste jurisprudentie (HR 29 maart 1985, LJN AG4989; NJ 1986/242 (Enka/Dupont) en HR 30 juni 2000, LJN AA6342; NJ 2000/674) blijkt dat een appelverbod kan worden doorbroken indien gesteld wordt dat:
- de rechter een artikel ten onrechte heeft toegepast;
- de rechter een artikel ten onrechte niet heeft toegepast;
- de rechter buiten het toepassingsgebied is getreden;
- sprake is van essentieel vormverzuim.
Gesteld noch gebleken is dat sprake is van een van deze gronden.
3. Mitsdien wordt als volgt beslist.
BESLISSING OP HET HOGER BEROEP
Het hof:
verklaart de man niet-ontvankelijk in zijn hoger beroep.
Deze beschikking is gegeven door mrs. Lückers, Husson en Kamminga, bijgestaan door Verheijen als griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 10 oktober 2012.