Personen- en familierecht
niet-ontvankelijk ivm intrekken verzoek
Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 28 juli 2022
ECLI:NL:GHSHE:2022:2651 · Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 28 juli 2022
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-s-hertogenbosch/civiel-recht/personen-en-familierecht/hoger-beroep/ecli-nl-ghshe-2022-2651
Zaakgegevens
Op 28 juli 2022 heeft het Gerechtshof 's-Hertogenbosch in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over personen- en familierecht.
- Instantie
- Gerechtshof 's-HertogenboschGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- 's-Hertogenbosch
- Datum uitspraak
- 28 juli 2022
- Datum publicatie
- 28 juli 2022
- Zaaknummer
- 200.309.461_01
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Personen- en familierecht
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. R Wouters, mr. W.E de Wit-de Witte
- ECLI
- ECLI:NL:GHSHE:2022:2651
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
niet-ontvankelijk ivm intrekken verzoek
Uitspraak
GERECHTSHOF 's-HERTOGENBOSCH
Team familie- en jeugdrecht
Uitspraak : 28 juli 2022
Zaaknummer : 200.309.461/01
Zaaknummer 1e aanleg : C/02/393126 /JE RK 21-2621
in de zaak in hoger beroep van:
[de vader] ,
wonende te [woonplaats],
verzoeker in hoger beroep,
hierna te noemen: de vader,
advocaat: mr. R. Wouters,
tegen
Stichting Jeugdbescherming West Regio Zeeland,
gevestigd te [vestigingsplaats],
verweerster in hoger beroep,
hierna te noemen: de GI.
Deze zaak gaat over: [minderjarige], geboren op [geboortedatum] 2012 te [geboorteplaats].
Als belanghebbenden worden aangemerkt:
[de moeder],
wonende te [woonplaats],
hierna te nemen: de moeder,
advocaat: mr. W.E. de Wit-de Witte,
In zijn hoedanigheid als omschreven in artikel 810 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering is in de procedure gekend:
de Raad voor de Kinderbescherming,
regio Zuidwest Nederland, locatie [locatie],
hierna te noemen: de raad.
1 Het geding in eerste aanleg
Het hof verwijst voor het verloop van het geding in eerste aanleg naar de beschikking van de rechtbank Zeeland-West-Brabant, zittingsplaats Middelburg, van 19 januari 2022, uitgesproken onder voormeld zaaknummer.
2 Het geding in hoger beroep
Bij beroepschrift van 19 april 2022, met producties, ingekomen bij het hof op diezelfde datum, heeft de vader verzocht voormelde beschikking te vernietigen en de bestreden beschikking, alsmede de uitwerking van deze beschikking opnieuw rechtdoende, de verzoeken niet-ontvankelijk te verklaren dan wel af te wijzen, kosten rechtens.
De moeder heeft op 23 mei 2022 een verweerschrift, met bijlagen, ingediend.
Het hof heeft verder kennis genomen van:
- het V6-formulier van 26 april 2022 van de advocaat van de vader, met bijlagen;
- de brief van de raad van 3 mei 2022;
- het V6-formulier van 8 juli 2022 van de advocaat van de vader, met bijlagen;
- de brief van de GI, met bijlage, van 11 juli 2022.
Bij V4-formulier van 13 juli 2022 heeft de vader het hoger beroep ingetrokken.
Gelet hierop is de geplande mondelinge behandeling niet doorgegaan.
3 De beoordeling
Het hof maakt uit voormeld bericht op dat de grieven niet worden gehandhaafd. Dit brengt mee dat de vader niet-ontvankelijk dient te worden verklaard in het verzoek in hoger beroep.
4 De beslissing
Het hof:
verklaart de vader niet-ontvankelijk in het verzoek in hoger beroep.
Deze beschikking is gegeven door mrs. E.M.C. Dumoulin, A.J.F. Manders en A.M. van Riemsdijk en is op 28 juli 2022 uitgesproken in het openbaar in tegenwoordigheid van de griffier.