Personen- en familierecht

Partneralimentatie Kinderalimentatie Vaststelling in redelijkheid te verwerven inkomen DGA.

Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 6 april 2023

Zaakgegevens

Op 6 april 2023 heeft het Gerechtshof 's-Hertogenbosch in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over personen- en familierecht.

Instantie
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Zittingsplaats
's-Hertogenbosch
Datum uitspraak
6 april 2023
Datum publicatie
6 april 2023
Zaaknummer
200.298.937_01
Procedure
Hoger beroep
Advocaat
mr. G.G.J van Kooten te Veldhoven, mr. J. Nederlof te Tilburg
ECLI
ECLI:NL:GHSHE:2023:1124
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Partneralimentatie

Kinderalimentatie

Vaststelling in redelijkheid te verwerven inkomen DGA.

Procesgang

  1. Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 29 september 2022

    ECLI:NL:GHSHE:2022:3307
  2. Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 10 november 2022

    ECLI:NL:GHSHE:2022:3917
  3. Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 6 april 2023deze uitspraak

    ECLI:NL:GHSHE:2023:1124

  4. Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 21 maart 2024

    ECLI:NL:GHSHE:2024:951

Uitspraak

GERECHTSHOF 's-HERTOGENBOSCH

Team familie- en jeugdrecht

zaaknummer : 200.298.937/01

zaaknummer rechtbank : C/01/352107 / FA RK 19-5203

beschikking van de meervoudige kamer van 6 april 2023

inzake

[de man] ,

wonende te [woonplaats] (België),

verzoeker in het principaal hoger beroep,

verweerder in het incidenteel hoger beroep,

hierna te noemen: de man,

advocaat: mr. G.G.J. van Kooten te Veldhoven,

tegen

[de vrouw] ,

wonende te [woonplaats],

verweerster in het principaal hoger beroep,

verzoeksters in het incidenteel hoger beroep,

hierna te noemen: de vrouw,

advocaat: mr. J. Nederlof te Tilburg.

als vervolg op de beschikkingen van 29 september 2022 en 10 november 2022.

11 De beschikking van 10 november 2022

Bij die beschikking heeft het hof bepaald dat er een deskundigenonderzoek dient te komen naar de in rechtsoverweging 9.1 van die beschikking geformuleerde vragen en de heer drs. Ph. M. van Spaendonck RV benoemd tot deskundige.

12 Het verdere verloop van het geding in hoger beroep

Het hof heeft kennisgenomen van de inhoud van:

- de brief van de deskundige van 7 maart 2023;

- de brief van de advocaat van de man d.d. 21 maart 2023;

- de brief van de advocaat van de man d.d. 22 maart 2023.

13 De verdere beoordeling

13.1.

De deskundige heeft bij brief van 7 maart 2023 aan het hof bericht dat de afronding van het onderzoek meer tijd zal vergen dan aanvankelijk was begroot en dat het eerder bepaalde voorschot niet toereikend is. De deskundige heeft verzocht om te bepalen dat er een aanvullend voorschot zal worden voldaan van in totaal € 3.049,--, inclusief btw.

13.2.

Namens de vrouw is nog verzocht, zo begrijpt het hof, om een nadere formulering van de vraagstelling aan de deskundige maar het hof zal dit verzoek afwijzen omdat daar vooralsnog geen aanleiding voor is. Voor zover de vrouw heeft verzocht het aanvullend voorschot geheel ten laste te laten komen van de man zal dit verzoek eveneens worden afgewezen nu het hof daartoe evenmin aanleiding ziet.

13.3.

Namens de man is, zo begrijpt het hof, verzocht de deskundige de consolidaties te laten verrichten, waarbij de meerkosten volledig voor rekening van de man dienen te komen.

Dit verzoek valt buiten de opdracht van het hof aan de deskundige zodat het hof hierop afwijzend beslist. Uiteraard staat het de man vrij om een dergelijk verzoek rechtstreeks aan de deskundige te richten.

13.4.

Vanwege organisatorische redenen is de samenstelling van de behandelend kamer van het hof gewijzigd.

14 De beslissing

Het hof:

op het principaal en incidenteel appel:

bepaalt dat voor de kosten van de deskundige een aanvullend voorschot dient te worden voldaan van € 3.049,-- inclusief btw;

bepaalt dat ieder van partijen wordt belast met de helft van genoemd aanvullend voorschot van € 3.049,--, derhalve € 1.524,50;

bepaalt dat de man laatstgenoemd bedrag zal voldoen na ontvangst van de nota met betaalinstructies die door het Landelijk Dienstencentrum voor de Rechtspraak zal worden verzonden;

bepaalt dat het voorschot van de vrouw, nu aan deze partij een toevoeging is verleend, voorlopig ten laste van ’s Rijks kas komt;

bepaalt dat de deskundige het onderzoek zal voortzetten nadat van de griffier bericht is ontvangen dat het aanvullend voorschot is ontvangen;

verzoekt de deskundige, indien zijn kosten het aanvullend voorschot te boven mochten gaan, het hof daarover tijdig in te lichten;

bepaalt dat de griffier van dit hof een afschrift van deze beschikking aan de deskundige zal toezenden;

houdt iedere verdere beslissing aan tot 6 juli 2023 in afwachting van het deskundigenbericht.

Deze beschikking is gegeven door mrs. C.D.M. Lamers, H. van Winkel en E.P de Beij en is in het openbaar uitgesproken op 6 april 2023 in tegenwoordigheid van de griffier.