Personen- en familierecht

De moeder trekt het hoger beroep in. Niet-ontvankelijk.

Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 5 september 2024

Zaakgegevens

Op 5 september 2024 heeft het Gerechtshof 's-Hertogenbosch in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over personen- en familierecht.

Instantie
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Zittingsplaats
's-Hertogenbosch
Datum uitspraak
5 september 2024
Datum publicatie
5 september 2024
Zaaknummer
200.324.528_01
Procedure
Hoger beroep
Advocaat
mr. F. Pool
ECLI
ECLI:NL:GHSHE:2024:2827
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

De moeder trekt het hoger beroep in. Niet-ontvankelijk.

Procesgang

  1. Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 15 juni 2023

    ECLI:NL:GHSHE:2023:1970
  2. Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 24 augustus 2023

    ECLI:NL:GHSHE:2023:2739
  3. Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 5 september 2024deze uitspraak

    ECLI:NL:GHSHE:2024:2827

Uitspraak

GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH

Team familie- en jeugdrecht

Uitspraak: 5 september 2024

Zaaknummer: 200.324.528/01

Zaaknummer eerste aanleg: C/01/387553 / JE RK 22-1593

in de zaak in hoger beroep van:

[de moeder] ,

wonende te [woonplaats] ,

verzoekster in hoger beroep,

hierna te noemen: de moeder,

advocaat: mr. F. Pool,

tegen

William Schrikker Stichting Jeugdbescherming en Jeugdreclassering,

gevestigd te [vestigingsplaats] ,

verweerster in hoger beroep,

hierna te noemen: de gecertificeerde instelling (GI).

Deze zaak gaat over [minderjarige], geboren op [geboortedatum] 2013 te [geboorteplaats] .

Als informant wordt aangemerkt:

Gezinshuis [gezinshuis],

gevestigd te [vestigingsplaats] ,

hierna te noemen: het gezinshuis of de gezinshuisouders.

In zijn hoedanigheid als omschreven in artikel 810 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering is in de procedure gekend:

de Raad voor de Kinderbescherming,

hierna te noemen: de raad.

9 De tussenbeschikking van het hof van 15 juni 2023

Uit deze beschikking blijkt dat het hof van oordeel is dat voldaan is aan de voorwaarden voor een contra-expertise op grond van artikel 810a lid 2 Rv en dat duidelijkheid moet komen over de opvoedvaardigheden van de moeder en de daarmee samenhangende mogelijkheid voor [minderjarige] om al dan niet weer bij de moeder te wonen. Bij deze tussenbeschikking heeft het hof het NIFP verzocht om te bemiddelen bij de benoeming van een onafhankelijke deskundige onder aanhouding van iedere verdere beslissing.

10 De tussenbeschikking van het hof van 24 augustus 2023

Bij deze beschikking heeft het hof een deskundigenonderzoek gelast ter beantwoording van de in rechtsoverweging 7.3. van die beschikking geformuleerde vragen en tot deskundigen benoemd de NIFP-deskundigen H. Baas en T. de Jong, beiden gezondheidszorgpsycholoog. Het hof heeft iedere verdere beslissing aangehouden.

11 Het verdere verloop van het geding in hoger beroep

11.1

Het hof heeft kennisgenomen van de inhoud van:

- het forensisch psychologisch onderzoek van de moeder en [minderjarige] , opgesteld door de NIFP-deskundigen H. Baas en T. de Jong (hierna: het deskundigenrapport) van 22 maart 2024, ingekomen ter griffie op 25 maart 2024;

- het V8-formulier met bijlage namens de moeder van 18 april 2024, ingekomen ter griffie op 18 april 2024.

- de brief namens de GI van 25 april 2024, ingekomen ter griffie op 30 april 2024.

11.2.

De voortzetting van de mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 29 augustus 2024. Bij die gelegenheid zijn verschenen:

- mr. J. Brouwer, kantoorgenoot van mr. F. Pool;

- de GI, vertegenwoordigd door [vertegenwoordiger van de GI] ;

- de raad vertegenwoordigd door [vertegenwoordiger van de raad] ;

- de gezinshuisouders.

De moeder is hoewel behoorlijk opgeroepen, niet tijdens de mondelinge behandeling verschenen.

11.3.

Tijdens de mondelinge behandeling heeft mr. Brouwer namens de moeder het hoger beroep ingetrokken.

12 De beoordeling

Het hof maakt uit voormelde mededeling op dat de grieven niet worden gehandhaafd. Dit brengt mee dat de moeder niet-ontvankelijk dient te worden verklaard in het verzoek in hoger beroep.

13 De beslissing

Het hof:

verklaart de moeder niet-ontvankelijk in het verzoek in hoger beroep.

Deze beschikking is gegeven door mrs. E.M.C. Dumoulin, E.M.D.M. van der Linden, M. Jonker en is in het openbaar uitgesproken op 5 september 2024 in tegenwoordigheid van de griffier.