Belastingrecht
Het eerdere arrest ECLI:NL:HR:2025:187 is vervallen verklaard.
ECLI:NL:HR:2025:401 · Hoge Raad · 14 maart 2025
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/bestuursrecht/belastingrecht/cassatie/ecli-nl-hr-2025-401
Zaakgegevens
Op 14 maart 2025 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over belastingrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 14 maart 2025
- Datum publicatie
- 14 maart 2025
- Zaaknummer
- 24/04076
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht Belastingrecht
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2025:401
Samenvatting
Het eerdere arrest ECLI:NL:HR:2025:187 is vervallen verklaard.
Procesgang
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 15 oktober 2024
ECLI:NL:GHARL:2024:6420Hoge Raad · 7 februari 2025
ECLI:NL:HR:2025:187Hoge Raad · 14 maart 2025deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2025:401
Hoge Raad · 5 juni 2026
ECLI:NL:HR:2026:856
Uitspraak
Inhoudsopgave
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
BELASTINGKAMER
Nummer 24/04076
Datum 14 maart 2025
ARREST
tot het vervallen verklaren van het arrest van de Hoge Raad van 7 februari 2025, nr. 24/04076, ECLI:NL:HR:2025:187, dat is gewezen op het door [X] (hierna: belanghebbende) ingestelde beroep in cassatie tegen de uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 15 oktober 2024, nrs. BK-ARN 23/413 en 23/414.
1 Grond voor de vervallenverklaring
Belanghebbende heeft tegen de uitspraak van het Hof beroep in cassatie ingesteld. Bij bericht van 12 november 2024 heeft de griffier belanghebbende erop gewezen dat het beroepschrift in cassatie geen gronden bevat en dat dit verzuim binnen een termijn van zes weken moet worden hersteld.
Bij arrest van 7 februari 2025 met het zaaknummer 24/04076, heeft de Hoge Raad het beroep in cassatie niet-ontvankelijk verklaard omdat de gronden van het beroep in cassatie ontbraken.
Nadat het arrest van 7 februari 2025 was gewezen, is gebleken dat de gronden van het beroep in cassatie op 5 december 2024, dus binnen de in het bericht van 12 november 2024 gestelde termijn, door de Hoge Raad waren ontvangen, maar niet in het digitale dossier van deze zaak zijn opgenomen. Het arrest van 7 februari 2025 moet daarom vervallen.
De behandeling van de zaak zal worden voortgezet in de stand waarin het geding zich bevond toen het arrest van 7 februari 2025 werd gewezen.
2 Beslissing
De Hoge Raad:
- verklaart het arrest van de Hoge Raad van 7 februari 2025, nr. 24/04076, vervallen, en
- bepaalt dat het geding wordt voortgezet in de stand waarin het zich bevond toen het arrest van 7 februari 2025 werd gewezen.
Dit arrest is gewezen door de raadsheer E.F. Faase als voorzitter, en de raadsheren P.A.G.M. Cools en F.G.F. Peters, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier E. Cichowski, en in het openbaar uitgesproken op 14 maart 2025.