Burgerlijk procesrecht
Art. 81 lid 1 RO. Procesrecht. Rechtskracht van voorlopige voorziening op de voet van art. 223 Rv nadat…
Hoge Raad, 4 juni 2021
ECLI:NL:HR:2021:816 · Hoge Raad · 4 juni 2021
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/burgerlijk-procesrecht/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2021-816
Zaakgegevens
Op 4 juni 2021 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over burgerlijk procesrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 4 juni 2021
- Datum publicatie
- 3 juni 2021
- Zaaknummer
- 20/00329
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Burgerlijk procesrecht
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- Advocaat
- B.I. Kraaipoel.
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2021:816
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. Procesrecht. Rechtskracht van voorlopige voorziening op de voet van art. 223 Rv nadat einduitspraak in de hoofdzaak is gedaan en tegen die einduitspraak hoger beroep is ingesteld. Voldoende belang bij nieuwe voorlopige voorziening in hoger beroep?
Procesgang
Uitspraak · 2018
ECLI:NL:RBOBR:2018:2463Uitspraak · 2018
ECLI:NL:RBOBR:2018:2673Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 12 november 2019
ECLI:NL:GHSHE:2019:4166Uitspraak · 2019
ECLI:NL:RBOBR:2019:2105Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 9 juni 2020
ECLI:NL:GHSHE:2020:1743Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 8 januari 2021
ECLI:NL:PHR:2021:100Hoge Raad · 4 juni 2021deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2021:816
Bekrachtiging/bevestigingBekrachtigingDe hogere rechter laat de eerdere uitspraak in stand: de uitkomst blijft hetzelfde.Meer uitleg · Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg
Uitspraak
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 20/00329
Datum 4 juni 2021
ARREST
In de zaak van
1. [eiser 1],
wonende te [woonplaats], België,
2. [eiseres 2] B.V.,
gevestigd te [vestigingsplaats],
EISERS tot cassatie,
hierna gezamenlijk: [eisers],
advocaten: R.P.J.L. Tjittes en H. Boom,
tegen
SERVICE TECHNISCH BEHEER B.V.,
gevestigd te Eindhoven,
VERWEERSTER in cassatie,
hierna: STB,
advocaat: B.I. Kraaipoel.
1. Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
-
de vonnissen in de zaak C/01/331820/HA ZA 18-171 van de rechtbank Oost-Brabant van 9 mei 2018 en 3 april 2019;
-
het arrest in de zaak 200.259.939/01 van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 12 november 2019.
[eisers] hebben tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.
STB heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De zaak is voor STB toegelicht door haar advocaat.
De conclusie van de Advocaat-Generaal E.M. Wesseling-van Gent strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaten van [eisers] hebben schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2 Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3 Beslissing
De Hoge Raad:
-
verwerpt het beroep;
-
veroordeelt [eisers] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van STB begroot op € 902,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de vicepresident M.V. Polak als voorzitter en de raadsheren H.M. Wattendorff en A.E.B. ter Heide, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.J. Kroeze op 4 juni 2021.