Civiel recht overig
Onrechtmatige overheidsdaad. Geschil tussen varkenshouder en Staat over juistheid van registratie…
ECLI:NL:HR:2008:BG1237 · Hoge Raad · 19 december 2008
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/cassatie/ecli-nl-hr-2008-bg1237
Zaakgegevens
Op 19 december 2008 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 19 december 2008
- Datum publicatie
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- C07/132HR
- Rechtsgebied
- Civiel recht Civiel recht overig
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. P.J.L.J Duijsens, mr. M.W. Scheltema
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2008:BG1237
Samenvatting
Onrechtmatige overheidsdaad. Geschil tussen varkenshouder en Staat over juistheid van registratie varkensrechten in kader van Wet herstructurering varkenshouderij (81 RO).
Procesgang
Gerechtshof 's-Gravenhage · 21 december 2006
ECLI:NL:GHSGR:2006:AZ5772Hoge Raad · 19 december 2008deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2008:BG1237
Bekrachtiging/bevestigingBekrachtigingDe hogere rechter laat de eerdere uitspraak in stand: de uitkomst blijft hetzelfde.Meer uitleg
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 19 december 2008
ECLI:NL:PHR:2008:BG1237
Uitspraak
19 december 2008
Eerste Kamer
Nr. C07/132HR
EV/AS
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
1. [Eiser 1],
wonende te [woonplaats],
2. [Eiser 2],
wonende te [woonplaats],
3. [Eiser 3],
wonende te [woonplaats],
EISERS tot cassatie,
advocaat: mr. P.J.L.J. Duijsens,
t e g e n
DE STAAT DER NEDERLANDEN (Ministerie van Landbouw Natuur en Voedselkwaliteit, voorheen Ministerie van Landbouw Natuurbeheer en Visserij),
zetelende te 's-Gravenhage,
VERWEERDER in cassatie,
advocaat: mr. M.W. Scheltema.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eisers] en de Staat.
1. Het geding in feitelijke instanties
[Eisers] hebben bij exploot van 4 juli 2000 de Staat gedagvaard voor de rechtbank 's-Gravenhage en samengevat gevorderd, voor zover uitvoerbaar bij voorraad:
primair
* voor recht te verklaren dat de Staat jegens [eisers] onrechtmatig heeft gehandeld door te weigeren het hun op grond van het Besluit harheidsgevallen herstructurering varkenshouderij toekomend varkensrecht, op naam van [eisers] te registreren;
* de Staat te veroordelen ten name van [eisers] de voor hen uit het Besluit hardheidsgevallen herstructurering varkens houderij voortvloeiende varkensrechten, te registreren, een en ander op straffe van verbeurte van een dwangsom;
* de Staat te bevelen te aanvaarden en gedogen dat [eisers] in het kader van hun bedrijfsvoering uit kunnen gaan van het door hen in de inleidende dagvaarding opgegeven varkensrecht, zulks onder verbeurte van een dwangsom;
subsidiair
* voor recht te verklaren dat de Staat jegens [eisers] onrechtmatig handelt door de WHV vast te stellen en uit te vaardigen zonder in dat kader te voorzien in een voor [eisers] integrale vergoeding van de door hen ten gevolge van de vaststelling en inwerkingtreding van de WHV geleden en nog te lijden schade;
* de Staat te veroordelen tot vergoeding aan [eisers] van de door de door hen ten gevolge van de vaststelling en inwerkingtreding van de WHV geleden en nog te lijden schade;
* de Staat te veroordelen tot vergoeding aan [eisers] van de door hen tengevolge van de vaststelling en uitvaardiging van de WHV geleden en nog te lijden schade, vast te stellen bij staat en te vereffenen volgens de wet, te vermeerderen met de wettelijke rente;
* de WHV buiten toepassing te verklaren zolang de Staat aan [eisers] de door hen tengevolge van de vaststelling en uitvaardiging van de WHV geleden en nog te lijden schade nog niet heeft vergoed;
primair en subsidiair
* de Staat te veroordelen in de kosten van deze procedure, en te bepalen dat de Staat de wettelijke rente over de proceskosten verschuldigd zal zijn als de Staat niet binnen veertien dagen na dagtekening van het te wijzen vonnis zal hebben betaald;
De Staat heeft de vorderingen bestreden.
De rechtbank heeft bij vonnis van 22 mei 2002 [eisers] niet-ontvankelijk verklaard in hun vorderingen.
Tegen dit vonnis hebben [eisers] hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te 's-Gravenhage. Bij arrest van 21 december 2006 heeft het hof het vonnis van de rechtbank vernietigd, doch uitsluitend voor zover [eisers] daarin met hun vorderingen niet-ontvankelijk zijn verklaard en, in zoverre opnieuw rechtdoende, [eisers] in hun primaire vorderingen niet-ontvankelijk verklaard, de subsidiaire vorderingen van [eisers] afgewezen en het vonnis waarvan beroep voor het overige bekrachtigd.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof hebben [eisers] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Staat heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Spier strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van [eisers] wegens gebrek aan belang.
3. Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eisers] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de Staat begroot op € 371,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A. Hammerstein, als voorzitter, O. de Savornin Lohman en F.B. Bakels, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 19 december 2008.