Civiel recht overig

Cassatie. Verzet tegen HR 7 november 2014, ECLI:NL:HR:2014:3123 niet-ontvankelijk.

Hoge Raad, 20 februari 2015

Zaakgegevens

Op 20 februari 2015 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
20 februari 2015
Datum publicatie
20 februari 2015
Zaaknummer
14/04526
Procedure
Cassatie
ECLI
ECLI:NL:HR:2015:419
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Cassatie. Verzet tegen HR 7 november 2014, ECLI:NL:HR:2014:3123 niet-ontvankelijk.

Procesgang

  1. Conclusie A-G · 23 december 2014

    ECLI:NL:PHR:2014:2963
  2. Hoge Raad · 20 februari 2015deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2015:419

    Conclusie gevolgd

Uitspraak

20 februari 2015

Eerste Kamer

14/04526

LZ/TT

Hoge Raad der Nederlanden

Beschikking

in de zaak van:

[verzoeker],
wonende te [woonplaats],

VERZOEKER.

Verzoeker zal hierna ook worden aangeduid als [verzoeker].

1 Het geding

Voor het verloop van het geding tot dusver verwijst de Hoge Raad naar zijn beschikking in deze zaak van 7 november 2014 (ECLI:NL:HR:2014:3123).

De beschikking van 7 november 2014 is aan deze beschikking gehecht.

2 Het tweede geding in cassatie

Tegen de beschikking van 7 november 2014 heeft [verzoeker] een verzetschrift ingediend.

Het verzetschrift is aan deze beschikking gehecht een maakt daarvan deel uit.

De conclusie van de Advocaat-Generaal F.F. Langemeijer strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van het verzet.

3 Beoordeling van de ontvankelijkheid van het verzet

Het verzet is niet-ontvankelijk op de gronden vermeld in de conclusie van de Advocaat-Generaal onder 2.

4 Beslissing

De Hoge Raad verklaart [verzoeker] niet-ontvankelijk in zijn verzet.

Deze beschikking is gegeven door de raadsheren C.A. Streefkerk, als voorzitter, C.E. Drion en T.H. Tanja-van den Broek, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.V. Polak op 20 februari 2015.