Insolventierecht
Art. 81 lid 1 RO. Faillissementsrecht. Procesrecht. Ontvankelijkheid hoger beroep tegen beschikking…
Hoge Raad, 16 mei 2025
ECLI:NL:HR:2025:760 · Hoge Raad · 16 mei 2025
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/insolventierecht/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2025-760
Zaakgegevens
Op 16 mei 2025 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over insolventierecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 16 mei 2025
- Datum publicatie
- 15 mei 2025
- Zaaknummer
- 24/04559
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Insolventierecht
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2025:760
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. Faillissementsrecht. Procesrecht. Ontvankelijkheid hoger beroep tegen beschikking rechter-commissaris op grond van art. 67 Fw.
Procesgang
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 28 maart 2025
ECLI:NL:PHR:2025:393Hoge Raad · 16 mei 2025deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2025:760
Uitspraak
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 24/04559
Datum 16 mei 2025
BESCHIKKING
In de zaak van
RENT A PADELCOURT INTERNATIONAL B.V.,
gevestigd te Amsterdam,
VERZOEKSTER tot cassatie,
hierna: RAPI,
advocaten: J. van Weerden en E.J.H. Zandbergen,
tegen
1. V.H.B. KRUIT,
in zijn hoedanigheid van curator in het faillissement van VIDREA BUYING B.V.,
kantoorhoudende te [plaats], en
2. M.J. COOLS,
3. R. DULACK,
in hun hoedanigheid van curatoren in het faillissement van VIDREA RETAIL B.V.,
kantoorhoudende te [plaats],
VERWEERDERS in cassatie,
hierna: Buying en Retail,
niet verschenen.
1 Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instantie verwijst de Hoge Raad naar:
a. de beschikking in de zaak F. 16/20/365 van de rechter-commissaris in de rechtbank Midden-Nederland van 10 juni 2024;
b. de beschikking in de zaak F. 16/20/365 van de rechtbank Midden-Nederland van 3 december 2024.
RAPI heeft tegen de beschikking van de rechtbank beroep in cassatie ingesteld.
Buying en Retail hebben geen verweerschrift ingediend.
De conclusie van de Advocaat-Generaal R.H. de Bock strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van RAPI heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2 Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over de beschikking van de rechtbank beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die beschikking. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3 Beslissing
De Hoge Raad:
- verwerpt het beroep;
- veroordeelt RAPI in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Buying en Retail begroot op nihil.
Deze beschikking is gegeven door de raadsheren T.H. Tanja-van den Broek, als voorzitter, S.J. Schaafsma en K. Teuben, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A.E.B. ter Heide op 16 mei 2025.