Insolventierecht

WSNP; ontvankelijkheid van het hoger beroep van saniet tegen de vaststelling door de rechter-commissaris in…

Zaakgegevens

Op 2 juni 2006 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over insolventierecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
2 juni 2006
Datum publicatie
4 april 2013
Zaaknummer
R05/128HR
Procedure
Cassatie
Advocaat
mr. P.J.Ph. Dietz de Loos.
ECLI
ECLI:NL:HR:2006:AV6082
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

WSNP; ontvankelijkheid van het hoger beroep van saniet tegen de vaststelling door de rechter-commissaris in een brief van de achterstand m.b.t. het betalen van de boedelbijdrage (81 RO).

Procesgang

  1. Hoge Raad · 2 juni 2006deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2006:AV6082

  2. Conclusie A-G · 2 juni 2006

    ECLI:NL:PHR:2006:AV6082

Uitspraak

2 juni 2006

Eerste Kamer

Rek.nr. R05/128HR

RM/JMH

Hoge Raad der Nederlanden

Beschikking

in de zaak van:

[Verzoeker],

wonende te [woonplaats],

VERZOEKER tot cassatie,

advocaat: mr. P.J.Ph. Dietz de Loos.

1. Het geding in feitelijke instantie

Ten aanzien van verzoeker tot cassatie - verder te noemen: [verzoeker] - is de schuldsaneringsregeling van toepassing verklaard.

Bij brief van 13 juni 2005 gericht aan de raadsman van [verzoeker] heeft de rechter-commissaris, belast met de schuldsanering van [verzoeker], de achterstand van [verzoeker] vastgesteld met betrekking tot het betalen van de boedelbijdrage.

Bij brief van 17 juni 2005, bij de rechtbank ingekomen op 20 juni 2005, heeft [verzoeker] tegen voornoemde beslissing van de rechter-commissaris hoger beroep ingesteld bij de rechtbank te Amsterdam.

Na behandeling van het hoger beroep op 21 september 2005, heeft de Rechtbank heeft bij beschikking van 23 september 2005 [verzoeker] niet-ontvankelijk verklaard in zijn beroep.

De beschikking van de rechtbank is aan deze beschikking gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen de beschikking van de rechtbank heeft [verzoeker] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.

De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Strikwerda strekt tot verwerping van het beroep.

3. Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien artikel 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Deze beschikking is gegeven door de raadsheren H.A.M. Aaftink, als voorzitter, W.A.M. van Schendel en W.D.H. Asser, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 2 juni 2006.