Insolventierecht
WSNP. Beëindiging toepassing schuldsaneringsregeling wegens niet-nakoming van uit deze regeling…
ECLI:NL:HR:2008:BC3391 · Hoge Raad · 28 maart 2008
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/insolventierecht/cassatie/ecli-nl-hr-2008-bc3391
Zaakgegevens
Op 28 maart 2008 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over insolventierecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 28 maart 2008
- Datum publicatie
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- R07/016HR
- Rechtsgebied
- Civiel recht Insolventierecht
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. W. Römelingh.
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2008:BC3391
Samenvatting
WSNP. Beëindiging toepassing schuldsaneringsregeling wegens niet-nakoming van uit deze regeling voortvloeiende verplichtingen, art. 350 lid 3, aanhef en onder c, F. (81 RO)
Procesgang
Hoge Raad · 28 maart 2008deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2008:BC3391
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 28 maart 2008
ECLI:NL:PHR:2008:BC3391
Uitspraak
28 maart 2008
Eerste Kamer
Rek.nr. R07/016HR
IV/AG
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
1. [Verzoeker 1],
2. [Verzoekster 2],
wonende te [woonplaats],
VERZOEKERS tot cassatie,
advocaat: mr. W. Römelingh.
Verzoekers tot cassatie zullen hierna mede worden aangeduid als [verzoekers].
1. Het geding in feitelijke instanties
Met een ter griffie van de rechtbank te Utrecht ingekomen verzoekschrift heeft de toenmalige bewindvoerder over [verzoekers] zich gewend tot die rechtbank en verzocht ten aanzien van hen de toepassing van de schuldsaneringsregeling te beëindigen.
Bij vonnissen van 27 november 2006 heeft de rechtbank alsnog de schuldsaneringsregeling van verzoekers beëindigd.
Tegen de vonnissen van de rechtbank hebben [verzoekers] hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te Amsterdam.
Na mondelinge behandeling heeft het hof bij arrest van 18 januari 2007 voornoemde vonnissen van 27 november 2006 van de rechtbank bekrachtigd.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof hebben [verzoekers] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De conclusie van de Advocaat-Generaal J.L.R.A. Huydecoper strekt tot verwerping van het beroep.
3. Beoordeling van de middelen
De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, A. Hammerstein en J.C. van Oven, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 28 maart 2008.