Insolventierecht

WSNP. Procesrecht; schending hoor en wederhoor? (81 RO)

Zaakgegevens

Op 14 maart 2008 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over insolventierecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
14 maart 2008
Datum publicatie
5 april 2013
Zaaknummer
07/11704HR
Procedure
Cassatie
Advocaat
mr. M.J. van Basten Batenburg.
ECLI
ECLI:NL:HR:2008:BC6631
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

WSNP. Procesrecht; schending hoor en wederhoor? (81 RO)

Procesgang

  1. Hoge Raad · 14 maart 2008deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2008:BC6631

  2. Conclusie A-G · 14 maart 2008

    ECLI:NL:PHR:2008:BC6631

Uitspraak

14 maart 2008

Eerste Kamer

07/11704HR

JMH/AG

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[Verzoeker],

wonende te [woonplaats],

VERZOEKER tot cassatie,

advocaat: mr. M.J. van Basten Batenburg.

Verzoekende partij zal hierna ook worden aangeduid als betrokkene.

1. Het geding in feitelijke instanties

Op 20 september 2005 heeft de rechtbank Almelo ten aanzien van betrokkene de schuldsaneringsregeling van toepassing verklaard met aanwijzing van een rechter-commissaris en een bewindvoerder.

Op voordracht van de rechter-commissaris heeft de rechtbank bij vonnis van 5 juni 2007 de toepassing van de schuldsaneringsregeling beëindigd.

Tegen dit vonnis heeft betrokkende hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te Arnhem.

Het hof heeft bij arrest van 17 september 2007 het bestreden vonnis van de rechtbank bekrachtigd.

Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof heeft betrokkende beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.

De bewindvoerder heeft een verweerschrift ingediend en de zaak schriftelijk doen toelichten.

De conclusie van de Advocaat-Generaal F.F. Langemeijer strekt tot verwerping van het beroep.

3. Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren P.C. Kop, als voorzitter, O. de Savornin Lohman en W.D.H. Asser, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 14 maart 2008.