Insolventierecht

WSNP. Verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling afgewezen op grond van art. 288 lid 2, aanhef en…

Zaakgegevens

Op 28 maart 2008 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over insolventierecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
28 maart 2008
Datum publicatie
5 april 2013
Zaaknummer
R07/046HR
Procedure
Cassatie
Advocaat
mr. P.J.P. Dietz de Loos.
ECLI
ECLI:NL:HR:2008:BC7905
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

WSNP. Verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling afgewezen op grond van art. 288 lid 2, aanhef en onder b, F. wegens het niet te goeder trouw laten ontstaan van schulden (81 RO).

Procesgang

  1. Hoge Raad · 28 maart 2008deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2008:BC7905

  2. Conclusie A-G · 28 maart 2008

    ECLI:NL:PHR:2008:BC7905

Uitspraak

28 maart 2008

Eerste Kamer

Rek.nr. R07/046HR

IV/AG

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[Verzoeker].

wonende te [woonplaats],

VERZOEKER tot cassatie,

advocaat: mr. P.J.P. Dietz de Loos.

Verzoeker tot cassatie zal hierna worden aangeduid als [verzoeker].

1. Het geding in feitelijke instanties

Met een op 22 november 2006 ter griffie van de rechtbank Zutphen ingekomen verzoekschrift heeft [verzoeker] zich gewend tot die rechtbank en verzocht ten aanzien van hem de toepassing van de schuldsaneringsregeling van toepassing te verklaren.

De rechtbank heeft bij vonnis van 19 december 2006 het verzoek afgewezen.

Tegen dit vonnis heeft [verzoeker] hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te Arnhem.

Na mondelinge behandeling heeft het hof bij arrest van 22 februari 2007 het vonnis van de rechtbank bekrachtigd.

Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof heeft [verzoeker] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.

De conclusie van de Advocaat-Generaal F.F. Langemeijer strekt tot verwerping van het beroep.

3. Beoordeling van de middelen

De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, J.C. van Oven en C.A. Streefkerk, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 28 maart 2008.