Insolventierecht

Faillissementsrecht. Vennootschapsrecht; kennelijk onbehoorlijke taakvervulling bestuurder; niet-nakoming…

Hoge Raad, 16 mei 2008

Zaakgegevens

Op 16 mei 2008 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over insolventierecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
16 mei 2008
Datum publicatie
5 april 2013
Zaaknummer
C06/342HR
Procedure
Cassatie
Advocaat
mr. J Groen, mr. K.G.W. van Oven
ECLI
ECLI:NL:HR:2008:BC8416
E-mail

Samenvatting

Faillissementsrecht. Vennootschapsrecht; kennelijk onbehoorlijke taakvervulling bestuurder; niet-nakoming boekhoudverplichting (81 RO).

Procesgang

  1. Uitspraak · 2006

    ECLI:NL:GHAMS:2006:BA3390
  2. Hoge Raad · 16 mei 2008deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2008:BC8416

    Bekrachtiging/bevestiging

  3. Conclusie A-G · 16 mei 2008

    ECLI:NL:PHR:2008:BC8416

Uitspraak

16 mei 2008

Eerste Kamer

Nr. C06/342HR

RM/AG

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[Eiser],

wonende te [woonplaats],

EISER tot cassatie,

advocaat: mr. J. Groen,

t e g e n

Mr. Antonie VAN HEES, kantoorhoudende te Amsterdam, in zijn hoedanigheid van curator in de faillissementen van Advideo Benelux B.V., Addistri Nederland B.V., Adsales Nederland B.V., Stichting Administratiekantoor Irevo Holding, Vid-Films B.V., Ad Trade Nederland B.V.,

VERWEERDER in cassatie,

advocaat: mr. K.G.W. van Oven.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] en de curator.

1. Het geding in feitelijke instanties

De curator heeft bij exploot van 25 februari 1994 [eiser] gedagvaard voor de rechtbank te Amsterdam.

Na wijziging van eis heeft de curator gevorderd [eiser] te veroordelen tot betaling van een bedrag gelijk aan het tekort in de faillissementen van Advideo Benelux B.V., Addistri Nederland B.V., Adsales Nederland B.V., Stichting Administratiekantoor Irevo Holding, Vid-Films B.V., Ad Trade Nederland B.V. (hierna gezamenlijk te noemen: de Advideo-groep) en tot betaling van ƒ 510.780,80 (€ 231.782,22) en ƒ 198.487,66 (€ 90.074,31), te vermeerderen met wettelijke rente.

[Eiser] heeft de vordering bestreden.

De rechtbank heeft, na bij tussenvonnis van 16 februari 2000 [eiser] tot bewijslevering te hebben toegelaten, bij eindvonnis van 5 juni 2002 [eiser] veroordeeld, (a) tot betaling aan de curator van het bedrag van de schulden in het faillissement van de Advideo-groep voor zover deze niet door vereffening van de overige baten kunnen worden voldaan, op te maken bij staat, en te vermeerderen met wettelijke rente vanaf 2 juli 1997, alsmede (b) tot betaling van € 231.782,22, te vermeerderen met wettelijke rente. Het meer of anders gevorderde heeft de rechtbank afgewezen.

Tegen beide vonnissen heeft [eiser] hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te Amsterdam.

Bij arrest van 8 juni 2006 heeft het hof het vonnis van de rechtbank van 5 juni 2002 vernietigd, doch slechts voor zover [eiser] daarin is veroordeeld tot betaling aan de curator van het bedrag van de schulden in het faillissement van Vid-Films. Voor het overige heeft het hof de vonnissen waarvan beroep bekrachtigd.

Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De curator heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

De zaak is voor [eiser] toegelicht door zijn advocaat en voor de curator door mr. H.N. Schelhaas, advocaat te Amsterdam.

De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Timmerman strekt tot verwerping van het beroep.

De advocaat van [eiser] heeft bij brief van 10 april 2008 op die conclusie gereageerd.

3. Beoordeling van de middelen

De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de curator begroot op € 5905,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.

Dit arrest is gewezen door de vice-president D.H. Beukenhorst als voorzitter en de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, E.J. Numann, A. Hammerstein en F.B. Bakels, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 16 mei 2008.