Insolventierecht
WSNP. Tussentijdse beëindiging toepassing schuldsanering wegens niet-nakoming van uit de…
Hoge Raad, 21 november 2008
ECLI:NL:HR:2008:BF3939 · Hoge Raad · 21 november 2008
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/insolventierecht/cassatie/ecli-nl-hr-2008-bf3939
Zaakgegevens
Op 21 november 2008 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over insolventierecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 21 november 2008
- Datum publicatie
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- 07/13502
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Insolventierecht
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. M.S.M. Dietz de Loos-Schrijver.
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2008:BF3939
Samenvatting
WSNP. Tussentijdse beëindiging toepassing schuldsanering wegens niet-nakoming van uit de schuldsaneringsregeling voortvloeiende verplichtingen (81 RO).
Procesgang
Hoge Raad · 21 november 2008deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2008:BF3939
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 21 november 2008
ECLI:NL:PHR:2008:BF3939
Uitspraak
21 november 2008
Eerste Kamer
07/13502
RM/MD
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
[Verzoeker 1], en
[Verzoekster 2],
beiden wonende te [woonplaats],
VERZOEKERS tot cassatie,
advocaat: mr. M.S.M. Dietz de Loos-Schrijver.
Verzoekers tot cassatie zullen hierna ook worden aangeduid als [verzoeker] c.s.
1. Het geding in feitelijke instanties
Bij vonnis van de rechtbank 's-Gravenhage van 18 oktober 2006 is ten aanzien van [verzoeker] c.s. de definitieve toepassing van de schuldsaneringsregeling uitgesproken, met benoeming van een rechter-commissaris en een bewindvoerder.
Op voordracht van de rechter-commissaris heeft de rechtbank bij vonnis van 9 augustus 2007 de toepassing van de schuldsaneringsregeling beëindigd en bepaald dat, voor het geval haar vonnis kracht van gewijsde krijgt, [verzoeker] c.s. in staat van faillissement zullen verkeren.
Tegen dit vonnis hebben [verzoeker] c.s. hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te 's-Gravenhage.
Na mondelinge behandeling van de zaak heeft het hof bij arrest van 6 december 2007 het bestreden vonnis bekrachtigd.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof hebben [verzoeker] c.s. beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Strikwerda strekt tot verwerping van het beroep.
3. Beoordeling van de middelen
De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, J.C. van Oven en C.A. Streefkerk, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 21 november 2008.