Insolventierecht

WSNP. Afwijzing verzoek tot definitieve toelating tot de schuldsaneringsregeling wegens onvoldoende…

Hoge Raad, 27 februari 2009

Zaakgegevens

Op 27 februari 2009 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over insolventierecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
27 februari 2009
Datum publicatie
5 april 2013
Zaaknummer
08/03573
Procedure
Cassatie
Advocaat
mr. P. Garretsen.
ECLI
ECLI:NL:HR:2009:BG9913
E-mail

Samenvatting

WSNP. Afwijzing verzoek tot definitieve toelating tot de schuldsaneringsregeling wegens onvoldoende aannemelijkheid van goede trouw schuldenaar bij het ontstaan van de schulden (288, lid 1 onder b, F.) en van de nakoming door de schuldenaar van de uit de schuldsaneringsregeling voortvloeiende verplichtingen als bedoeld in art. 288, lid 1 onder c, F.; samenhang met 08/03575 (81 RO).

Procesgang

  1. Hoge Raad · 27 februari 2009deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2009:BG9913

  2. Conclusie A-G · 27 februari 2009

    ECLI:NL:PHR:2009:BG9913

Uitspraak

27 februari 2009

Eerste Kamer

08/03573

DV/EE

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[Verzoekster],

wonende te [woonplaats],

VERZOEKSTER tot cassatie,

advocaat: mr. P. Garretsen.

Verzoekster zal hierna ook worden aangeduid als [verzoekster].

1. Het geding in feitelijke instanties

Met een op 13 maart 2008 ter griffie van de rechtbank Almelo ingediend verzoekschrift heeft [verzoekster] zich gewend tot die rechtbank en verzocht ten aanzien van haar de toepassing van de schuldsaneringsregeling uit te spreken.

De rechtbank heeft, nadat de zaak op 22 april en 20 mei 2008 is behandeld, bij vonnis van 3 juni 2008 het verzoek afgewezen.

Tegen dit vonnis heeft [verzoekster] hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te Arnhem.

Na mondelinge behandeling heeft het hof bij arrest van 11 augustus 2008 het vonnis waarvan beroep bekrachtigd.

Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof heeft [verzoekster] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De conclusie van de Advocaat-Generaal L.A.D. Keus strekt tot verwerping van het beroep.

3. Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, J.C. van Oven en C.A. Streefkerk, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 27 februari 2009.