Insolventierecht

Art. 81 RO. Faillissementsrecht. Ontvankelijkheid van en bevoegdheid verzoek tot intrekking van voorlopige…

Zaakgegevens

Op 13 mei 2011 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over insolventierecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
13 mei 2011
Datum publicatie
5 april 2013
Zaaknummer
10/05600
Procedure
Cassatie
Advocaat
mr. P.J.L.J Duijsens, mr. R.A.A. Duk
ECLI
ECLI:NL:HR:2011:BQ1128
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

Art. 81 RO. Faillissementsrecht. Ontvankelijkheid van en bevoegdheid verzoek tot intrekking van voorlopige surseance onder gelijktijdige faillietverklaring (art. 242 lid 1 F.)?

Procesgang

  1. Hoge Raad · 13 mei 2011deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2011:BQ1128

  2. Conclusie A-G · 13 mei 2011

    ECLI:NL:PHR:2011:BQ1128

Uitspraak

13 mei 2011

Eerste Kamer1

0/05600

EV/TT

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

AGRENCO NETHERLANDS N.V.,

gevestigd te Amsterdam,

VERZOEKSTER tot cassatie,

advocaat: mr. P.J.L.J. Duijsens,

t e g e n

1. de rechtspersoon naar het recht van de Bahamas CREDIT SUISSE BRAZIL (BAHAMAS) LIMITED,

2. de rechtspersoon naar Zwitsers recht CREDIT SUISSE CAYMAN BRANCH,

3. de rechtspersoon naar Frans recht NATIXIS S.A.,

gevestigd te Parijs, Frankrijk,

4. de rechtspersoon naar Duits recht HSH NORDBANK A.G., New York Branch,

gevestigd te New York, Verenigde Staten van Amerika,

5. de rechtspersoon naar het recht van de staat New York, Verenigde Staten van Amerika ROSEMOUNT GLOBAL TRADE FINANCE FUND L.P.,

gevestigd te New York, Verenigde Staten van Amerika,

VERWEERSTERS in cassatie,

advocaat: mr. R.A.A. Duk.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als Agrenco en Credit Suisse c.s.

1. Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. het vonnis in de zaak met surséancenummer 10.0044-S en faillissementsnummer 10.0839-F van de rechtbank Amsterdam van 26 november 2010;

b. het arrest in de zaak 200.078.171/01 van het gerechtshof te Amsterdam van 21 december 2010.

Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof heeft Agrenco beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

Credit Suisse c.s. hebben verzocht het beroep te verwerpen.

De zaak is voor Agrenco toegelicht door haar advocaat en voor Credit Suisse c.s. door mr. J. de Bie Leuveling Tjeenk, advocaat te Amsterdam.

De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Timmerman strekt tot verwerping.

3. Beoordeling van de middelen

De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, J.C. van Oven en W.A.M. van Schendel, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 13 mei 2011.