Insolventierecht
Art. 81 RO. Faillissement. Beroep tegen faillietverklaring.
ECLI:NL:HR:2012:BU5743 · Hoge Raad · 13 januari 2012
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/insolventierecht/cassatie/ecli-nl-hr-2012-bu5743
Zaakgegevens
Op 13 januari 2012 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over insolventierecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 13 januari 2012
- Datum publicatie
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- 11/03857
- Rechtsgebied
- Civiel recht Insolventierecht
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. P Garretsen, mr. J.W.H. van Wijk en mr. R.T. Wiegerink
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2012:BU5743
Samenvatting
Art. 81 RO. Faillissement. Beroep tegen faillietverklaring.
Procesgang
Hoge Raad · 13 januari 2012deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2012:BU5743
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 13 januari 2012
ECLI:NL:PHR:2012:BU5743
Uitspraak
13 januari 2012
Eerste Kamer
11/03857
EV/LZ
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
[Verzoeker],
wonende te [woonplaats],
VERZOEKER tot cassatie,
advocaat: mr. P. Garretsen,
t e g e n
DE ONTVANGER VAN DE BELASTINGDIENST/HOLLAND-MIDDEN,
kantoorhoudende te Leiden,
VERWEERSTER in cassatie,
advocaat: mr. J.W.H. van Wijk en mr. R.T. Wiegerink.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [verzoeker] en de Ontvanger.
1. Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. het vonnis in de zaak met insolventienummer 11/491 F van de rechtbank 's-Gravenhage van 5 juli 2011;
b. het arrest in de zaak 200.090.571/01 van het gerechtshof te 's-Gravenhage van 16 augustus 2011.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof heeft [verzoeker] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Ontvanger heeft verzocht het beroep te verwerpen.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Timmerman strekt tot verwerping van het beroep met toepassing van art. 81 RO.
De advocaat van [verzoeker] heeft bij brief van 2 december 2011 op die conclusie gereageerd.
3. Beoordeling van de middelen
De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren F.B. Bakels, als voorzitter, W.D.H. Asser en C.E. Drion en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer J.C. van Oven op 13 januari 2012.