Insolventierecht

Art. 81 RO. WSNP. Afwijzing verzoek tot toepassing schuldsaneringsregeling; art. 288, lid 1, sub b, F.

Zaakgegevens

Op 24 februari 2012 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over insolventierecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
24 februari 2012
Datum publicatie
5 april 2013
Zaaknummer
11/05088
Procedure
Cassatie
Advocaat
mr. M.S.M. Dietz de Loos-Schrijver.
ECLI
ECLI:NL:HR:2012:BV1525
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

Art. 81 RO. WSNP. Afwijzing verzoek tot toepassing schuldsaneringsregeling; art. 288, lid 1, sub b, F.

Procesgang

  1. Hoge Raad · 24 februari 2012deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2012:BV1525

  2. Conclusie A-G · 24 februari 2012

    ECLI:NL:PHR:2012:BV1525

Uitspraak

24 februari 2012

Eerste Kamer

11/05088

TT/MD

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[Verzoeker],

wonende te [woonplaats],

VERZOEKER tot cassatie,

advocaat: mr. M.S.M. Dietz de Loos-Schrijver.

Verzoeker tot cassatie zal hierna ook worden aangeduid als [verzoeker].

1. Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. het vonnis in de zaak 122277 FT RK 846/2011 van de rechtbank Almelo van 20 september 2011,

b. het arrest in de zaak 200.094.635 van het gerechtshof te Arnhem van 10 november 2011.

Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof heeft [verzoeker] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Timmerman strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

3. Beoordeling van de middelen

De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, M.A. Loth en G. Snijders, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer J.C. van Oven op 24 februari 2012.