Insolventierecht
Art. 81 lid 1 RO. WSNP. Tussentijdse beëindiging; art. 350 lid 3 onder f, Fw. Omstandigheid die bij…
ECLI:NL:HR:2012:BY4603 · Hoge Raad · 9 november 2012
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/insolventierecht/cassatie/ecli-nl-hr-2012-by4603
Zaakgegevens
Op 9 november 2012 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over insolventierecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 9 november 2012
- Datum publicatie
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- 12/04101
- Rechtsgebied
- Civiel recht Insolventierecht
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. P.J.Ph Dietz de Loos, mr. H.J.W. Alt
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2012:BY4603
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. WSNP. Tussentijdse beëindiging; art. 350 lid 3 onder f, Fw. Omstandigheid die bij toelatingsverzoek onbekend was. Gelegenheid tot uitlating over door rechter ingewonnen informatie, art. 19 Rv.
Procesgang
Hoge Raad · 9 november 2012deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2012:BY4603
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 9 november 2012
ECLI:NL:PHR:2012:BY4603
Uitspraak
21 december 2012
Eerste Kamer
12/04101
EE/EP
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
1. [Verzoeker 1],
2. [Verzoekster 2],
beiden wonende te [woonplaats],
VERZOEKERS tot cassatie,
advocaat: mr. P.J.Ph. Dietz de Loos,
t e g e n
1. [Verweerder 1],
2. [Verweerster 2],
beiden wonende te [woonplaats],
VERWEERDERS in cassatie,
advocaat: mr. H.J.W. Alt.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [verzoeker] c.s. en [verweerder] c.s.
1. Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de vonnissen in de zaken 92/2011 en 93/2011 van de rechtbank Haarlem van 12 juni 2012;
b. het arrest in de zaak 200.108.487/01 van het gerechtshof te Amsterdam van 16 augustus 2012.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof hebben [verzoeker] c.s. beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
[Verweerder] c.s. hebben verzocht het beroep te verwerpen.
De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Timmerman strekt tot verwerping.
3. Beoordeling van de middelen
De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, A.H.T. Heisterkamp en M.A. Loth, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer J.C. van Oven op 21 december 2012.