Intellectueel-eigendomsrecht

Art. 81 lid 1 RO. Intellectuele eigendom. Merkenrecht. Uitputtingsregel. Gegronde reden voor merkhouder om…

Hoge Raad, 24 februari 2023

Zaakgegevens

Op 24 februari 2023 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over intellectueel-eigendomsrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
24 februari 2023
Datum publicatie
23 februari 2023
Zaaknummer
21/04768
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Advocaat
A.M. van Aerde.
ECLI
ECLI:NL:HR:2023:285
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Art. 81 lid 1 RO. Intellectuele eigendom. Merkenrecht. Uitputtingsregel. Gegronde reden voor merkhouder om zich te verzetten tegen gebruik van merken op verzenddozen? Art. 9 en 15 Verordening (EU) 2017/1001 inzake het Uniemerk.

Procesgang

  1. Rechtbank Den Haag · 25 maart 2020

    ECLI:NL:RBDHA:2020:2735
  2. Gerechtshof Den Haag · 17 augustus 2021

    ECLI:NL:GHDHA:2021:1949

    (Gedeeltelijke) vernietiging en zelf afgedaan

  3. Conclusie A-G · 4 november 2022

    ECLI:NL:PHR:2022:1022
  4. Hoge Raad · 24 februari 2023deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2023:285

    Bekrachtiging/bevestiging · Conclusie gevolgd

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

CIVIELE KAMER

Nummer 21/04768

Datum 24 februari 2023

ARREST

In de zaak van

COTY BEAUTY GERMANY GMBH,

gevestigd te Darmstadt, Duitsland,

EISERES tot cassatie,

hierna: Coty,

advocaten: T. Cohen Jehoram en G.J. Harryvan,

tegen

EASYCOSMETIC BENELUX B.V.,

gevestigd te Landgraaf,

VERWEERSTER in cassatie,

hierna: Easycosmetic,

advocaat: A.M. van Aerde.

1 Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:

a. de vonnissen in de zaak C/09/566263 / HA ZA 19-37 van de rechtbank Den Haag van 13 maart 2019 en 25 maart 2020;

b. het arrest in de zaak 200.279.865/01 van het gerechtshof Den Haag van 17 augustus 2021.

Coty heeft tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.

Easycosmetic heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.

De conclusie van de Advocaat-Generaal G.R.B. van Peursem strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

De advocaten van Coty hebben schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2 Beoordeling van het middel

2.1

De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

2.2

Als de in cassatie in het ongelijk gestelde partij dient Coty te worden verwezen in de proceskosten. Easycosmetic heeft een kostenveroordeling op de voet van art. 1019h Rv gevorderd en haar kosten begroot op het tarief ‘normaal’ als bedoeld in de Indicatietarieven in IE-zaken Hoge Raad 2017. De Hoge Raad acht de aldus gevorderde kosten redelijk en evenredig, en zal deze dienovereenkomstig toewijzen.

3 Beslissing

De Hoge Raad:

- verwerpt het beroep;

- veroordeelt Coty in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Easycosmetic begroot op € 845,-- aan verschotten en € 22.744,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien Coty deze niet binnen veertien dagen na heden heeft voldaan.

Dit arrest is gewezen door de vicepresident M.V. Polak als voorzitter en de raadsheren C.E. du Perron, F.J.P. Lock, A.E.B. ter Heide en F.R. Salomons, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.J.P. Lock op 24 februari 2023.