Personen- en familierecht
Art. 81 lid 1 RO. Personen- en familierecht. Verzoek biologische vader tot vernietiging erkenning kind en tot…
Hoge Raad, 19 februari 2016
ECLI:NL:HR:2016:291 · Hoge Raad · 19 februari 2016
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/personen-en-familierecht/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2016-291
Zaakgegevens
Op 19 februari 2016 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over personen- en familierecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 19 februari 2016
- Datum publicatie
- 19 februari 2016
- Zaaknummer
- 15/00037
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Personen- en familierecht
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. K Aantjes, mr. C.G.A. van Stratum
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2016:291
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. Personen- en familierecht. Verzoek biologische vader tot vernietiging erkenning kind en tot vervangende toestemming tot erkenning. Heeft het hof verzuimd de belangen van de biologische vader in zijn afweging te betrekken?
Procesgang
Uitspraak · 2014
ECLI:NL:GHARL:2014:2477Uitspraak · 2014
ECLI:NL:GHARL:2014:7687Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 27 november 2015
ECLI:NL:PHR:2015:2343Hoge Raad · 19 februari 2016deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2016:291
Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg · Bekrachtiging/bevestigingBekrachtigingDe hogere rechter laat de eerdere uitspraak in stand: de uitkomst blijft hetzelfde.Meer uitleg
Uitspraak
19 februari 2016
Eerste Kamer
15/00037
LZ/EE
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
in de zaak van:
[verzoeker],
wonende te [woonplaats],
VERZOEKER tot cassatie,
advocaat: mr. K. Aantjes,
t e g e n
1. [de moeder],
2. [verweerder 2],
beiden wonende te [woonplaats],
VERWEERDERS in cassatie,
advocaat: mr. C.G.A. van Stratum.
Verzoeker zal hierna ook worden aangeduid als [verzoeker] en verweerders als de moeder en [verweerder 2].
1 Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de beschikking in de zaak C/08/134752/FA RK 13-86 van de rechtbank Oost-Nederland van 10 juli 2013;
b. de beschikkingen in de zaak 200.135.517 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 27 maart 2014 en 7 oktober 2014.
De beschikkingen van het hof zijn aan deze beschikking gehecht.
2 Het geding in cassatie
Tegen de beschikkingen van het hof heeft [verzoeker] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest en het aanvullend rekest zijn aan deze beschikking gehecht en maken daarvan deel uit.
De moeder en [verweerder 2] hebben een verweerschrift ingediend.
De advocaat van [verzoeker] heeft de zaak schriftelijk toegelicht.
De conclusie van de Advocaat-Generaal L.A.D. Keus strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van [verzoeker] heeft bij brief van 11 december 2015 op die conclusie gereageerd.
3 Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4 Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de vice-president E.J. Numann als voorzitter en de raadsheren C.A. Streefkerk, G. de Groot, M.V. Polak en T.H. Tanja-van den Broek, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 19 februari 2016.