Personen- en familierecht
Art. 81 lid 1 RO. Personen- en familierecht. Jeugdrecht. Ondertoezichtstelling. Had hof wegens strijd met…
Hoge Raad, 11 april 2025
ECLI:NL:HR:2025:555 · Hoge Raad · 11 april 2025
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/personen-en-familierecht/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2025-555
Zaakgegevens
Op 11 april 2025 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over personen- en familierecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 11 april 2025
- Datum publicatie
- 10 april 2025
- Zaaknummer
- 24/03465
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Personen- en familierecht
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- Advocaat
- Y.E.J. Geradts
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2025:555
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. Personen- en familierecht. Jeugdrecht. Ondertoezichtstelling. Had hof wegens strijd met beginsel van fair trial moeten vernietigen en terugwijzen? Ontbreken motivering van beslissing om verzoek voorlopige voorziening te behandelen gelijktijdig met hoofdzaak. Rechtsherstel in hoger beroep. Strijd met art. 6, 8 en 13 EVRM en art. 3, 12, 16 en 28 IVRK?
Procesgang
Gerechtshof Amsterdam · 11 juni 2024
ECLI:NL:GHAMS:2024:1598Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 7 februari 2025
ECLI:NL:PHR:2025:167Hoge Raad · 11 april 2025deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2025:555
Uitspraak
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 24/03465
Datum 11 april 2025
BESCHIKKING
In de zaak van
1. [de vader],
met onbekende woonplaats,
2. [de moeder],
met onbekende woonplaats,
VERZOEKERS tot cassatie,
hierna: de ouders,
advocaat: Y.E.J. Geradts,
tegen
1. DE RAAD VOOR DE KINDERBESCHERMING,
gevestigd te Haarlem,
hierna: de raad,
2. DE GECERTIFICEERDE INSTELLING DE JEUGD- EN GEZINSBESCHERMERS,
gevestigd te Amsterdam,
hierna: de GI,
VERWEERDERS in cassatie,
niet verschenen.
1 Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. de beschikking in de zaak C/15/345633 / JU RK 23-1662 van de rechtbank Noord-Holland van 5 december 2023;
b. de beschikking in de zaken 200.338.450/01 en 200.338.450/02 van het gerechtshof Amsterdam van 11 juni 2024.
De ouders hebben tegen de beschikking van het hof beroep in cassatie ingesteld.
De raad en de GI hebben geen verweerschrift ingediend.
De conclusie van de Advocaat-Generaal F. Ibili strekt tot verwerping van het cassatieberoep. De advocaat van de ouders heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2 Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over de beschikking van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die beschikking. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3 Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de vicepresident M.V. Polak als voorzitter en de raadsheren T.H. Tanja-van den Broek, H.M. Wattendorff, F.R. Salomons en G.C. Makkink, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A.E.B. ter Heide op 11 april 2025.