Personen- en familierecht

Art. 81 lid 1 RO. Wzd. Opvolgende machtiging tot opname en verblijf (art. 24 Wzd). Andere woonvoorziening als…

Hoge Raad, 10 juli 2026

Zaakgegevens

Op 10 juli 2026 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over personen- en familierecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
10 juli 2026
Datum publicatie
9 juli 2026
Zaaknummer
25/02413
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Advocaat
F.W.E. Eijsvogels
ECLI
ECLI:NL:HR:2026:1228
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Art. 81 lid 1 RO. Wzd. Opvolgende machtiging tot opname en verblijf (art. 24 Wzd). Andere woonvoorziening als passende vervolgplek. Overbruggingsmachtiging?

Procesgang

  1. Conclusie A-G · 29 mei 2026

    ECLI:NL:PHR:2026:549
  2. Hoge Raad · 10 juli 2026deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2026:1228

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

CIVIELE KAMER

Nummer 25/02413

Datum 10 juli 2026

BESCHIKKING

In de zaak van

[betrokkene],

wonende te [woonplaats],

VERZOEKER tot cassatie,

hierna: betrokkene,

advocaat: F.W.E. Eijsvogels,

tegen

CENTRUM INDICATIESTELLING ZORG,

gevestigd te Utrecht,

VERWEERDER in cassatie,

hierna: het CIZ,

niet verschenen.

1 Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instantie verwijst de Hoge Raad naar de beschikking in de zaak C/16/590583/ FV RK 25-745 van de rechtbank Midden-Nederland van 4 april 2025.

Betrokkene heeft tegen de beschikking van de rechtbank beroep in cassatie ingesteld.

Het CIZ heeft geen verweerschrift ingediend.

De conclusie van de Advocaat-Generaal L.M. Coenraad strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

2 Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over de beschikking van de rechtbank beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die beschikking. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Deze beschikking is gegeven door de raadsheren S.J. Schaafsma, als voorzitter, F.R. Salomons en K. Teuben, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.R. Salomons op 10 juli 2026.