Strafrecht overig

Oplichting van bank en rekeninghouders door “phishing”. Oplegging svm, rechtstreekse schade bank. HR: art. 81.1 RO.

Hoge Raad, 1 juli 2014

Zaakgegevens

Op 1 juli 2014 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
1 juli 2014
Datum publicatie
2 september 2014
Zaaknummer
12/03955
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
ECLI
ECLI:NL:HR:2014:2577
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Oplichting van bank en rekeninghouders door “phishing”. Oplegging svm, rechtstreekse schade bank. HR: art. 81.1 RO.

Procesgang

  1. Conclusie A-G · 13 mei 2014

    ECLI:NL:PHR:2014:1304
  2. Hoge Raad · 1 juli 2014deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2014:2577

    Conclusie gevolgd

Uitspraak

1 juli 2014

Strafkamer

nr. 12/03955

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te Amsterdam van 7 augustus 2012, nummer 23/003823-11, in de strafzaak tegen:

[verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1988.

1 Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. J. Kuijper, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal G. Knigge heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2 Beoordeling van de middelen

De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de raadsheer B.C. de Savornin Lohman als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en V. van den Brink, in bijzijn van de waarnemend griffier A.C. ten Klooster, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 1 juli 2014.