Strafrecht overig

Beklag, beslag ex art. 94 Sv. Beklag tegen beslag onder advocatenkantoor. Samenhang met 15/02123 Bv, 15/02125…

Zaakgegevens

Op 31 mei 2016 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
31 mei 2016
Datum publicatie
31 mei 2016
Zaaknummer
15/04858
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
ECLI
ECLI:NL:HR:2016:1026
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

Beklag, beslag ex art. 94 Sv. Beklag tegen beslag onder advocatenkantoor. Samenhang met 15/02123 Bv, 15/02125 Bv en 15/04558 Bv, 16/00003 Bv. HR 81.1 RO.

Procesgang

  1. Conclusie A-G · 23 februari 2016

    ECLI:NL:PHR:2016:439
  2. Hoge Raad · 31 mei 2016deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2016:1026

    Conclusie gevolgd

Uitspraak

Inhoudsopgave

31 mei 2016

Strafkamer

nr. S 15/04858 Bv

AGE/AJ

Hoge Raad der Nederlanden

Beschikking

op het beroep in cassatie tegen een beschikking van de Rechtbank Oost-Brabant, zittingsplaats 's-Hertogenbosch, van 2 oktober 2015, nummer RK 14/1937, op een klaagschrift als bedoeld in art. 552a Sv, ingediend door:

[klaagster] , gevestigd te [plaats].

1 Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de klaagster. Namens deze hebben J.G. Geertsma en Th.O.M. Dieben, beiden advocaat te Amsterdam, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal G. Knigge heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

De raadslieden hebben daarop schriftelijk gereageerd.

2 Beoordeling van de middelen

De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Deze beschikking is gegeven door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren H.A.G. Splinter-van Kan en A.L.J. van Strien, in bijzijn van de waarnemend griffier A.C. ten Klooster, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 31 mei 2016.