Strafrecht overig
Economische zaak. Vervolg op HR 3 december 2013, ECLI:NL:HR:2013:1564. Uitleg begrip “afvalstoffen”. HR: 81.1 RO.
ECLI:NL:HR:2016:512 · Hoge Raad · 29 maart 2016
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/strafrecht/strafrecht-overig/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2016-512
Zaakgegevens
Op 29 maart 2016 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 29 maart 2016
- Datum publicatie
- 29 maart 2016
- Zaaknummer
- 15/02838
- Rechtsgebied
- Strafrecht Strafrecht overig
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2016:512
Samenvatting
Economische zaak. Vervolg op HR 3 december 2013, ECLI:NL:HR:2013:1564. Uitleg begrip “afvalstoffen”. HR: 81.1 RO.
Procesgang
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 2 februari 2016
ECLI:NL:PHR:2016:147Hoge Raad · 29 maart 2016deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2016:512
Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg
Uitspraak
Inhoudsopgave
29 maart 2016
Strafkamer
nr. S 15/02838 E
LNU
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Den Haag, Economische Kamer, van 19 november 2014, nummer 22/005550-13, in de strafzaak tegen:
[verdachte] , gevestigd te [vestigingsplaats].
1 Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft R.G.J. Laan, advocaat te Hoorn, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal P.C. Vegter heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De raadsman heeft daarop schriftelijk gereageerd.
2 Beoordeling van de middelen
De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
3 Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren J. de Hullu en H.A.G. Splinter-van Kan, in bijzijn van de waarnemend griffier J.D.M. Hart, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 29 maart 2016.