Strafrecht overig
Mishandeling door zwangere vrouw in aanwezigheid van haar 11-jarige zoon meermalen te schoppen, art. 300.1…
ECLI:NL:HR:2018:2424 · Hoge Raad · 20 november 2018
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/strafrecht/strafrecht-overig/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2018-2424
Zaakgegevens
Op 20 november 2018 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 20 november 2018
- Datum publicatie
- 21 januari 2019
- Zaaknummer
- 17/01061
- Rechtsgebied
- Strafrecht Strafrecht overig
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2018:2424
Samenvatting
Mishandeling door zwangere vrouw in aanwezigheid van haar 11-jarige zoon meermalen te schoppen, art. 300.1 Sr. 1. Schending art. 415.2 Sv. 2, nu onderzoek zich niet heeft gericht op bezwaren verdediging tegen vonnis Pr. 2. Hof heeft bij beslissing geen kennis genomen van verhoren bij RC. 3. Betrouwbaarheid verklaringen aangeefster en haar echtgenoot. 4. Hof kon gelet bepleite vrijspraak niet volstaan met verwijzing naar b.m. 5. Persoonlijke omstandigheden verdachte betrokken in strafmotivering, terwijl verdachte niet ttz. aanwezig was. 6. Overschrijding redelijke termijn. HR: art. 81.1 RO.
Procesgang
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 2 oktober 2018
ECLI:NL:PHR:2018:1052Hoge Raad · 20 november 2018deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2018:2424
Uitspraak
Inhoudsopgave
20 november 2018
Strafkamer
nr. S 17/01061
AKA
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Den Haag van
6 december 2016, nummer 22/001317-15, in de strafzaak tegen:
[verdachte] , geboren te [geboorteplaats] (Marokko) op [geboortedatum] 1966.
1 Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft P.J. de Bruin, advocaat te Rotterdam, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De plaatsvervangend Advocaat-Generaal D.J.M.W. Paridaens heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De raadsman heeft daarop schriftelijk gereageerd.
2 Beoordeling van de middelen
De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
3 Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president
W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en A.L.J. van Strien, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 20 november 2018.