Strafrecht overig

Medeplegen poging doodslag, art. 287 jo. art. 45.1 en 47.1 Sr. Verwerping beroep op noodweer(exces), art. 41…

Zaakgegevens

Op 11 februari 2020 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
11 februari 2020
Datum publicatie
11 februari 2020
Zaaknummer
18/04441
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
ECLI
ECLI:NL:HR:2020:236
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

Medeplegen poging doodslag, art. 287 jo. art. 45.1 en 47.1 Sr. Verwerping beroep op noodweer(exces), art. 41 Sr. HR: art. 81.1 RO met verwijzing naar samenhangende zaak 18/04238, ECLI:NL:HR:2020:235.

Procesgang

  1. Conclusie A-G · 17 december 2019

    ECLI:NL:PHR:2019:1441
  2. Hoge Raad · 11 februari 2020deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2020:236

Uitspraak

Inhoudsopgave

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

STRAFKAMER

Nummer 18/04441

Datum 11 februari 2020

ARREST

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Arnhem, van 26 september 2018, nummer 21/004480-16, in de strafzaak

tegen

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1993,

hierna: de verdachte.

1 Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft R. van Leusden, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De advocaat-generaal D.J.C. Aben heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2 Beoordeling van het cassatiemiddel

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie). Tegen de achtergrond van het arrest dat de Hoge Raad vandaag heeft uitgesproken in de zaak ECLI:NL:HR:2020:235 is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht.

3 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren V. van den Brink en A.L.J. van Strien, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 11 februari 2020.