Strafrecht overig

Verlofverlening Rb aan RC a.b.i. art. 552p.2 (oud) Sv n.a.v. verzoek om rechtshulp van Roemeense justitiële…

Zaakgegevens

Op 7 december 2021 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
7 december 2021
Datum publicatie
6 december 2021
Zaaknummer
20/04422
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
ECLI
ECLI:NL:HR:2021:1830
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

Verlofverlening Rb aan RC a.b.i. art. 552p.2 (oud) Sv n.a.v. verzoek om rechtshulp van Roemeense justitiële autoriteiten m.b.t. verstrekken voorwerpen en gegevens. 1. Cassatieberoep klager A. Geen schriftuur. 2. Cassatieberoep klager B. Digitaal beslag en (afgeleid) verschoningsrecht.

Ad 1. Geen middelen ingediend, klager n-o.

Ad 2. HR: art. 81.1 RO.

Samenhang met 20/04423 B.

Procesgang

  1. Conclusie A-G · 9 november 2021

    ECLI:NL:PHR:2021:1146
  2. Hoge Raad · 7 december 2021deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2021:1830

Uitspraak

Inhoudsopgave

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

STRAFKAMER

Nummer 20/04422 B

Datum 7 december 2021

BESCHIKKING

op het beroep in cassatie tegen een beschikking van de rechtbank Gelderland van 30 november 2020, nummer RK 19/155, op een vordering als bedoeld in artikel 552p

lid 2 van het Wetboek van Strafvordering, ingediend

door

[klager 1] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1966,

en

[klager 2] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1992,

hierna: de klagers.

1 Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de klagers. Namens de klager [klager 2] , geboren op [geboortedatum] 1992, zijn geen cassatiemiddelen voorgesteld.

Namens de klager [klager 1] , geboren op [geboortedatum] 1966, heeft N. Gonzalez Bos, advocaat te Den Haag, bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld. De schriftuur is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.

De advocaat-generaal A.E. Harteveld heeft in deze laatste zaak geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2. Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep dat is ingesteld door de klager [klager 2]

De wet bepaalt binnen welke termijn een advocaat namens de klager een schriftuur met cassatiemiddelen (klachten) bij de Hoge Raad moet indienen. Aan die verplichting is niet voldaan. Het gevolg daarvan is dat de Hoge Raad het beroep van de klager niet in behandeling kan nemen (zie artikel 447 lid 5 van het Wetboek van Strafvordering).

3. Beoordeling van de cassatiemiddelen die namens de klager [klager 1] zijn ingediend

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van de rechtbank beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

4 Beslissing

De Hoge Raad:

- verklaart het beroep van de klager [klager 2] niet-ontvankelijk;

- verwerpt het beroep dat is ingesteld door de klager [klager 1] .

Deze beschikking is gegeven door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en C. Caminada, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 7 december 2021.