Strafrecht overig

Beklag, beslag ex art. 94 Sv n.a.v. EOB van Spaanse autoriteiten op o.a. sieraden onder klaagster…

Zaakgegevens

Op 7 maart 2023 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
7 maart 2023
Datum publicatie
27 februari 2023
Zaaknummer
22/04029
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
ECLI
ECLI:NL:HR:2023:325
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

Beklag, beslag ex art. 94 Sv n.a.v. EOB van Spaanse autoriteiten op o.a. sieraden onder klaagster. Klaagschrift ontvankelijk, nu klaagster niet binnen 14 dagen na kennisgeving a.b.i. art. 5.4.10.1 Sv klaagschrift heeft ingediend?

HR: art. 81.1 RO. Vervolg op HR:2022:580.

Procesgang

  1. Conclusie A-G · 7 februari 2023

    ECLI:NL:PHR:2023:128
  2. Hoge Raad · 7 maart 2023deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2023:325

Uitspraak

Inhoudsopgave

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

STRAFKAMER

Nummer 22/04029 Br

Datum 7 maart 2023

BESCHIKKING

op het beroep in cassatie tegen een beschikking van de rechtbank Rotterdam van 18 augustus 2022, nummer RK 21/857, op een klaagschrift als bedoeld in artikel 5.4.10 in verbinding met artikel 552a van het Wetboek van Strafvordering, ingediend

door

[klaagster],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1995,

hierna: de klaagster.

1 Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de klaagster. Namens deze heeft R. Zilver, advocaat te Utrecht, bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld. De schriftuur is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.

De advocaat-generaal A.E. Harteveld heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2 Beoordeling van het cassatiemiddel

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van de rechtbank beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Deze beschikking is gegeven door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren A.L.J. van Strien en M.J. Borgers, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 7 maart 2023.