Strafrecht overig

Art. 416.2 Sv na veroordeling t.z.v. openlijke geweldpleging met zijn zoons tegen politieagenten, art. 141.1…

Hoge Raad, 27 augustus 2024

Zaakgegevens

Op 27 augustus 2024 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
27 augustus 2024
Datum publicatie
21 augustus 2024
Zaaknummer
22/02644
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
ECLI
ECLI:NL:HR:2024:1092
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Art. 416.2 Sv na veroordeling t.z.v. openlijke geweldpleging met zijn zoons tegen politieagenten, art. 141.1 Sr. Aanhoudingsverzoek voorafgaand aan tz. in hoger beroep door niet gemachtigde raadsman gedaan en ttz. in h.b. door niet gemachtigde raadsvrouw herhaald op de grond dat verdachte naar inschatting van verdediging gebruik wil maken van zijn aanwezigheidsrecht als hij in Nederland is en dagvaarding hem bereikt omdat hij in eerste aanleg ttz. is verschenen, door hof afgewezen o.g.v. belangenafweging onder verwijzing naar omstandigheid dat verdachte niet concreet heeft aangegeven dat hij gebruik wil maken van zijn aanwezigheidsrecht, rechtsgeldige betekening van dagvaarding in h.b. en omstandigheid dat verdediging tevergeefs heeft getracht contact te zoeken met verdachte.

HR: art. 81.1 RO.

Procesgang

  1. Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 14 juni 2017

    ECLI:NL:GHSHE:2017:2924
  2. Conclusie A-G · 25 juni 2024

    ECLI:NL:PHR:2024:634
  3. Hoge Raad · 27 augustus 2024deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2024:1092

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

STRAFKAMER

Nummer 22/02644

Datum 27 augustus 2024

ARREST

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 14 juni 2017, nummer 20-000461-16, in de strafzaak

tegen

[verdachte] ,

geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1976,

hierna: de verdachte.

1 Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze hebben T.M.D. Buruma en F.T.C. Dölle, beiden advocaat in Amsterdam, bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld.

De advocaat-generaal D.J.M.W. Paridaens heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2 Beoordeling van het cassatiemiddel

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president V. van den Brink als voorzitter, en de raadsheren C. Caminada en T.B. Trotman, in bijzijn van de waarnemend griffier S.P. Bakker, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 27 augustus 2024.