Strafrecht overig

Caribische zaak. Profijtontneming, w.v.v. uit uitvoer van cocaïne en witwassen in Aruba. Methode van…

Zaakgegevens

Op 2 juli 2024 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
2 juli 2024
Datum publicatie
27 juni 2024
Zaaknummer
22/02842
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
ECLI
ECLI:NL:HR:2024:949
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

Caribische zaak. Profijtontneming, w.v.v. uit uitvoer van cocaïne en witwassen in Aruba. Methode van uitgebreide kasopstelling, art. 38e SrNA (oud) en art. 1:77.3 SrA. Verwerping draagkrachtverweer, art. 1:77.5 SrA.

HR: art. 81.1 RO. Vervolg op HR:2018:1544. Samenhang met 22/02841 PC.

Procesgang

  1. Conclusie A-G · 21 mei 2024

    ECLI:NL:PHR:2024:491
  2. Hoge Raad · 2 juli 2024deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2024:949

Uitspraak

Inhoudsopgave

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

STRAFKAMER

Nummer 22/02842 PC

Datum 2 juli 2024

ARREST

op het beroep in cassatie tegen een uitspraak van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba van 18 juli 2022, nummer H 149/15, op een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel ten laste

van

[verdachte],

geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1967,

hierna: de verdachte.

1 Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft R.J. Baumgardt, advocaat in Rotterdam, bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De advocaat-generaal D.J.M.W. Paridaens heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2 Beoordeling van het cassatiemiddel

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en A.L.J. van Strien, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 2 juli 2024.