Strafrecht overig
Beschikking verschoningsrecht. Klaagschrift van beslagene, niet verschoningsgerechtigde. Geheimhouderstukken…
ECLI:NL:PHR:2017:400 · Parket bij de Hoge Raad · 18 april 2017
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/parket-bij-de-hoge-raad/strafrecht/strafrecht-overig/ecli-nl-phr-2017-400
Zaakgegevens
Op 18 april 2017 heeft het Parket bij de Hoge Raad een conclusie genomen in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Parket bij de Hoge RaadParket bij de Hoge RaadHet onafhankelijke parket van de procureur-generaal en de advocaten-generaal, die de Hoge Raad adviseren in conclusies.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 18 april 2017
- Datum publicatie
- 7 juni 2017
- Zaaknummer
- 16/05397
- Rechtsgebied
- Strafrecht Strafrecht overig
- ECLI
- ECLI:NL:PHR:2017:400
Samenvatting
Beschikking verschoningsrecht. Klaagschrift van beslagene, niet verschoningsgerechtigde. Geheimhouderstukken. Art. 98 en art. 218 Sv. Vervolg op HR 13 oktober 2015, ECLI:NL:HR:2015:3076 en HR 28 juni 2016, ECLI:NL:HR:2016:1343. In beklagzaak van beslagene, die niet verschoningsgerechtigde is, dient onherroepelijk oordeel in beklagprocedure van verschoningsgerechtigde tot uitgangspunt te worden genomen. Indien het beroep van verschoningsgerechtigde op zijn verschoningsrecht ongegrond wordt verklaard, moet beslagene n-o worden verklaard in zijn klaagschrift v.zv. het klachten m.b.t. het verschoningsrecht betreft. De HR heeft bij beschikking van heden in de samenhangende zaak met nummer 16/05396 Bv (ECLI:NL:HR:2017:1018) het cassatieberoep van de verschoningsgerechtigde verworpen, waardoor in die zaak onherroepelijk is beslist. Daardoor is klager n-o in zijn beroep.
Procesgang
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 18 april 2017deze uitspraak
ECLI:NL:PHR:2017:400
Hoge Raad · 6 juni 2017
ECLI:NL:HR:2017:1031Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg
Conclusie
Nr. 16/05397
Mr. Machielse
Zitting 18 april 2017
Conclusie inzake:
[klager]
1. De rechtbank Gelderland, zittingsplaats Arnhem, heeft op 28 oktober 2016 het klaagschrift van klager niet-ontvankelijk verklaard voor zover betrekking hebbend op de stukken met de nummers 50, 52 en 13 tot en met 29, en gegrond verklaard voor zover het betrekking heeft op de stukken met de nummers 12, 30 tot en met 49 en 51.
2. Klager heeft tegen deze beschikking cassatie doen instellen. Mr. Th.J. Kelder, advocaat te 's-Gravenhage, heeft een schriftuur ingezonden houdende twee middelen van cassatie.
3. Klager is beslagene maar niet de verschoningsgerechtigde. De verschoningsgerechtigde heeft in dezelfde zaak ook een klaagschrift ingediend. In de beklagzaak van de verschoningsgerechtigde strekt mijn conclusie van heden tot verwerping van het beroep. De lijn volgend die de Hoge Raad heeft uitgezet heeft dat tot gevolg dat klager het belang bij het beklag heeft verloren en dat het cassatieberoep van klager niet kan worden ontvangen.
4. Deze conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van het cassatieberoep.
De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden