Belastingrecht

Wet WOZ. Ongegrond. Eiser staat een hogere WOZ-waarde voor. Heffingsambtenaar heeft aannemelijk gemaakt dat…

Rechtbank Amsterdam, 1 november 2024

Zaakgegevens

Op 1 november 2024 heeft de Rechtbank Amsterdam in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over belastingrecht.

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Zittingsplaats
Amsterdam
Datum uitspraak
1 november 2024
Datum publicatie
20 december 2024
Zaaknummer
AMS 24/3458
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBAMS:2024:8077
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Wet WOZ. Ongegrond. Eiser staat een hogere WOZ-waarde voor. Heffingsambtenaar heeft aannemelijk gemaakt dat hij de WOZ-waarde correct heeft vastgesteld.

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

Bestuursrecht

zaaknummer: AMS 24/3458

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 1 november 2024 in de zaak tussen

[eiser], te Amsterdam, eiser

en

de heffingsambtenaar van de gemeente Amsterdam, de heffingsambtenaar.

Procesverloop

De heffingsambtenaar heeft in de beschikking van 25 februari 2023 de WOZ-waarde van de onroerende zaak [adres 1] te Amsterdam (hierna: de woning) voor het kalenderjaar 2023 vastgesteld op € 891.000,-. In hetzelfde document heeft de heffingsambtenaar ook de aanslag onroerende zaakbelasting bekendgemaakt.

Eiser heeft hiertegen bezwaar gemaakt. In de uitspraak op bezwaar van 20 maart 2024 (de bestreden uitspraak) heeft de heffingsambtenaar het bezwaar gegrond verklaard. De WOZ-waarde van de woning wordt gewijzigd vastgesteld op € 809.000,-.

Eiser heeft tegen de bestreden uitspraak beroep ingesteld.

De heffingsambtenaar heeft een verweerschrift ingediend.

De zaak is behandeld op de zitting van 17 oktober 2024. Eiser is verschenen. De heffingsambtenaar is verschenen in de persoon van mr. N.M. Kell, vergezeld door taxateur Y. Takken.

Overwegingen

1. Eiser is eigenaar van de woning. De woning betreft een karakteristieke historische bovenwoning van ongeveer 96 m² met een dakterras van ongeveer 18 m².

2. Partijen zijn het niet eens over de hoogte van de WOZ-waarde van de woning. De waardepeildatum is in dit geval 1 januari 2022. Bepalend is de staat waarin de woning op die datum verkeert.

3. Ter zitting voert eiser aan dat de heffingsambtenaar de WOZ-waarde te laag heeft vastgesteld. De heffingsambtenaar vindt dat hij de waarde correct heeft vastgesteld. Hij heeft ter onderbouwing van de waarde een taxatierapport ingediend waarin de waarde van de woning is getaxeerd op € 809.000,-. Het taxatierapport van de heffingsambtenaar bevat gegevens en recente verkoopcijfers van andere woningen (de vergelijkingsobjecten), namelijk [adres 2], [adres 3] en [adres 4] in Amsterdam. Volgens de heffingsambtenaar valt uit de verkoopprijzen van deze vergelijkingsobjecten af te leiden dat de WOZ-waarde van de woning van eiser correct is vastgesteld.

4. Gelet op het verweerschrift en het taxatierapport is de rechtbank van oordeel dat de heffingsambtenaar aannemelijk heeft gemaakt dat hij de WOZ-waarde correct heeft vastgesteld. Ter zitting is aan eiser uitgelegd hoe het proces van de onderbouwing van de WOZ-waarde is gegaan en hoe de wet WOZ in elkaar steekt. Eiser heeft vervolgens aangegeven dat hij nu begrijpt waar de WOZ-waarde van € 809.000,- vandaan komt. Eiser heeft echter het beroep niet ingetrokken. Ter zitting is tussen partijen nog wel afgesproken dat de heffingsambtenaar de afdeling die daar over gaat zal informeren dat de 18 m² van het dakterras niet wordt meegenomen bij de registratie van het gebruikersoppervlakte van het woningdeel van het object.

Conclusie

5. Het beroep is ongegrond. Voor een proceskostenvergoeding of vergoeding van het griffierecht bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door mr. R. van de Water, rechter, in aanwezigheid van

mr. H.M. Dost, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 1 november 2024.

griffier

rechter

Afschrift verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak kunt u binnen zes weken na de dag van verzending daarvan hoger beroep instellen bij het gerechtshof Amsterdam, Postbus 1312, 1000 BH Amsterdam.

Zie artikel 18, eerste en tweede lid, van de Wet Waardering onroerende zaken (Wet WOZ).