Civiel recht overig

herstelvonnis Oorspronkelijk vonnis ECLI:NL:RBAMS:2022:4194

Rechtbank Amsterdam, 21 september 2022

Zaakgegevens

Op 21 september 2022 heeft de Rechtbank Amsterdam in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Zittingsplaats
Amsterdam
Datum uitspraak
21 september 2022
Datum publicatie
9 november 2022
Zaaknummer
C/13/708648 / HA ZA 21-924
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBAMS:2022:6478
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

herstelvonnis

Oorspronkelijk vonnis ECLI:NL:RBAMS:2022:4194

Uitspraak

[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]vonnis

RECHTBANK AMSTERDAM

Afdeling privaatrecht

zaaknummer / rolnummer: C/13/708648 / HA ZA 21-924

Herstelvonnis van 21 september 2022

in de zaak van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[eiseres] B.V.,

gevestigd te [vestigingsplaats 1] ,

eiseres in conventie,

verweerster in reconventie,

advocaat mr. I.M.C.A. Reinders Folmer te Amsterdam,

tegen

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[gedaagde] B.V.,

gevestigd te [vestigingsplaats 2] ,

gedaagde in conventie,

eiseres in reconventie,

advocaat mr. H.M. Punt te Amsterdam.

Partijen zullen hierna [eiseres] en [gedaagde] genoemd worden.

1 Het verzoek tot verbetering

1.1.

Bij B-formulier van 5 september 2022 is namens [eiseres] de rechtbank verzocht om verbetering van het op 20 juli 2022 in deze zaak gewezen vonnis, in die zin dat het in reconventie onder 5.4 toegewezen bedrag verminderd wordt met € 15.500 (de factuurwaarde van voorwerp 22).

1.2.

De rechtbank heeft [gedaagde] in de gelegenheid gesteld zich over dit verzoek uit te laten. Daar is geen gebruik gemaakt.

2 De beoordeling

2.1.

De rechtbank is van oordeel dat in het vonnis van 20 juli 2022 sprake is van een kennelijke fout die zich voor eenvoudig herstel leent. In reconventie wordt [eiseres] onder meer veroordeeld om te betalen voor geleverde kunstwerken. In rov. 4.21.5 heeft de rechtbank overwogen dat ten aanzien van voorwerp 22 sprake was van non-conformiteit zodat daarvoor geen koopprijs meer verschuldigd was. Deze was nog niet betaald, zodat zij geen onderdeel uitmaakt van de vordering tot terugbetaling in conventie (rov 4.22). Door in het onder 5.4 toegewezen bedrag de factuurwaarde van € 15.500 mee te nemen is deze te hoog vastgesteld. De rechtbank zal het verzoek dan ook toewijzen als volgt.

3 De beslissing

De rechtbank

3.1.

bepaalt dat onder 5.4 van het op 20 juli 2022 tussen [eiseres] en [gedaagde] gewezen vonnis, waar staat

“veroordeelt [eiseres] tot betaling aan [gedaagde] van € 219.939,89, vermeerderd met de wettelijke handelsrente (6:119a BW) vanaf 30 maart 2021 tot de dag van betaling;”

wordt gewijzigd in

“veroordeelt [eiseres] tot betaling aan [gedaagde] van € 204.439,89, vermeerderd met de wettelijke handelsrente (6:119a BW) vanaf 30 maart 2021 tot de dag van betaling;”

3.2.

bepaalt dat deze verbetering onder de vermelding van de datum 21 september 2022 wordt vermeld op de minuut van het vonnis van 20 juli 2022,

3.3.

gelast elk van partijen, voor zover zij dit niet reeds hebben gedaan, de ontvangen grosse dan wel het ontvangen afschrift van het vonnis van 20 juli 2022 na ontvangst van dit herstelvonnis aan de griffie van de rechtbank te retourneren.

Dit vonnis is gewezen door mr. M.L.S. Kalff en in het openbaar uitgesproken op 21 september 2022.

type: AAK coll: