Civiel recht overig

De rechtbank zal, op grond van art. 196 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv), een voorlopig…

Rechtbank Amsterdam, 27 november 2025

Zaakgegevens

Op 27 november 2025 heeft de Rechtbank Amsterdam in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Zittingsplaats
Amsterdam
Datum uitspraak
27 november 2025
Datum publicatie
7 mei 2026
Zaaknummer
C/13/777007 / HA RK 25-356
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Advocaat
mr. C.J Nierop, mr. N.C Steijn
ECLI
ECLI:NL:RBAMS:2025:11450
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

De rechtbank zal, op grond van art. 196 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv), een voorlopig getuigenverhoor bevelen teneinde twee in het verzoekschrift genoemde getuigen te horen.

Uitspraak

RECHTBANK Amsterdam

Civiel recht

Zaaknummer / rekestnummer: C/13/777007 / HA RK 25-356

Beschikking van 27 november 2025

in de zaak van

[verzoeker] ,

wonende te [woonplaats 1] ,

verzoekende partij,

advocaat: mr. C.J. Nierop,

tegen

1 PROF.DR. [verweerder 1] ,

wonende te [woonplaats 2] ,

2. DR. [verweerder 2]

gevestigd te [vestigingsplaats] ,

advocaat: mr. N.C. Steijn,

verwerende partijen.

1 Het verloop van de procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

  • het verzoekschrift met bijlagen, ingekomen ter griffie op 13 oktober 2025,

  • een e-mailbericht, van mr. Steijn, ingekomen ter griffie op 12 november 2025.

1.2.

De beschikking is bepaald op heden. Partijen zijn van de beschikkingsdatum op de hoogte gesteld.

2 De beoordeling

2.1.

Het verzoekschrift strekt ertoe dat de rechtbank, op grond van artikel 196 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) een voorlopig getuigenverhoor zal bevelen teneinde twee in het verzoekschrift genoemde getuigen te horen.

2.2.

Het verzoek is op de wet gegrond en zal, nu belanghebbenden daartegen geen verweer voeren, worden toegewezen.

2.3.

Verzoeker is op grond van artikel 198 Rv gehouden een afschrift van de beschikking aan belanghebbenden te doen toekomen.

3 De beslissing

De

3.1.

beveelt een voorlopig getuigenverhoor,

3.2.

benoemt mr. R.C.J. Hamming tot rechter-commissaris. De naam van de rechter-commissaris is nog niet definitief. Het kan zijn dat uw zaak nog aan een andere rechter-commissaris wordt toegedeeld. In het geval uw zaak aan een andere rechter-commissaris wordt toegedeeld krijgt u hiervan uiterlijk twee werkdagen voorafgaand aan het voorlopig getuigenverhoor bericht.

3.3.

bepaalt dat het getuigenverhoor zal plaatsvinden in rechtbank te Amsterdam aan de Parnassusweg 280 op vrijdag 13 maart 2026 te 13:30 uur voor het horen van twee getuigen.

3.4.

bepaalt dat verzoeker uiterlijk twee weken voor het verhoor aan de rechtbank (t.a.v. genoemde rechter-commissaris) dient mede te delen welke getuigen hij heeft opgeroepen en tegen welk tijdstip.

3.5.

bepaalt dat verzoeker op grond van artikel 198 Rv een afschrift van deze beschikking aan belanghebbenden moet doen toekomen of deze aan hen moet betekenen.

Deze beschikking is gegeven door mr. R.C.J. Hamming en in het openbaar uitgesproken op 27 november 2025.