Verbintenissenrecht
Kort Geding. Ontruiming krakers bij verstek toegewezen.
Rechtbank Amsterdam, 20 augustus 2026
ECLI:NL:RBAMS:2026:8378 · Rechtbank Amsterdam · 20 augustus 2026
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-amsterdam/civiel-recht/verbintenissenrecht/kort-geding/ecli-nl-rbams-2026-8378
Zaakgegevens
Op 20 augustus 2026 heeft de Rechtbank Amsterdam in kort geding uitspraak gedaan in een zaak over verbintenissenrecht.
- Instantie
- Rechtbank AmsterdamRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Datum uitspraak
- 20 augustus 2026
- Datum publicatie
- 21 augustus 2026
- Zaaknummer
- C/13/792088 / KG ZA 26-708 NB/EV
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Verbintenissenrecht
- Procedure
- Kort gedingKort gedingEen snelle procedure bij de voorzieningenrechter voor spoedeisende zaken, met een voorlopig oordeel.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. T. Hovers
- ECLI
- ECLI:NL:RBAMS:2026:8378
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Kort Geding. Ontruiming krakers bij verstek toegewezen.
Uitspraak
RECHTBANK Amsterdam
Civiel recht, voorzieningenrechter
Zaaknummer: C/13/792088 / KG ZA 26-708 NB/EV
Vonnis in kort geding van 20 augustus 2026
in de zaak van
[eiser] ,
te [plaats] ,
eisende partij bij dagvaarding van 12 augustus 2026,
advocaat: mr. T. Hovers,
tegen
HEN DIE VERBLIJVEN IN DE OPSTALLEN STAANDE EN GELEGEN OP
HET PERCEEL AAN DE [gedaagden] ,
gedaagden,
niet verschenen.
1 De procedure
Op de mondelinge behandeling van 20 augustus 2026 is eiser verschenen met mr. Hovers. Eiser heeft de dagvaarding en de bijbehorende producties toegelicht en verzocht vonnis te wijzen. Tegen de niet verschenen gedaagden is verstek verleend. Vonnis is bepaald op vandaag.
2 Het geschil
Eiser vordert – kort gezegd – om bij uitvoerbaar bij voorraad verklaard vonnis gedaagden te veroordelen om, binnen drie dagen na betekening van dit vonnis, het perceel met de zich daarop bevindende opstallen aan de [adres] , te ontruimen en ontruimd te houden, met bepaling dat het vonnis op grond van artikel 557a Rv binnen een door de voorzieningenrechter genoemde termijn ook ten uitvoer gelegd zal kunnen worden tegen een ieder die ten tijde van de tenuitvoerlegging zich daar bevindt of daar binnentreedt en telkens wanneer zich dat voordoet, met veroordeling van gedaagden in de kosten van dit geding.
3 De beoordeling
Het gevorderde komt de voorzieningenrechter niet onrechtmatig of ongegrond voor en zal worden toegewezen op de wijze zoals in de beslissing is vermeld.
Gedaagden zijn in het ongelijk gesteld en moeten daarom (hoofdelijk) de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van eiser worden begroot op:
|
- kosten van de dagvaarding |
€ |
151,94 |
|
|
- griffierecht |
€ |
341,00 |
|
|
- salaris advocaat |
€ |
760,00 |
|
|
- nakosten |
€ |
189,00 |
(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing) |
|
Totaal |
€ |
1.441,94 |
4 De beslissing
De voorzieningenrechter
veroordeelt gedaagden om, binnen drie dagen na betekening van dit vonnis, met het hunne en de hunnen het perceel met de zich daarop bevindende opstallen aan het adres [adres] te ontruimen en onder afgifte van sleutels aan eiser ter vrije beschikking te stellen en vervolgens ontruimd en verlaten te houden, met bepaling dat het vonnis ex artikel 557a Rv binnen zes maanden na de dag waarop dit vonnis wordt uitgesproken ten uitvoer kan worden gelegd tegen een ieder die ten tijde van de tenuitvoerlegging zich daar bevindt of daar binnentreedt en telkens wanneer zich dat voordoet,
veroordeelt gedaagden hoofdelijk in de proceskosten van € 1.441,94, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met € 98 plus de kosten van betekening als gedaagden niet tijdig aan deze veroordeling voldoen en het vonnis daarna wordt betekend,
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
|
Dit vonnis is gewezen door mr. N.C.H. Blankevoort, voorzieningenrechter, bijgestaan door mr. E.P.M. Vos, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 20 augustus 2026. |
||