Europees strafrecht

AVT Polen. Toestemming verleend.

Rechtbank Amsterdam, 1 mei 2025

Zaakgegevens

Op 1 mei 2025 heeft de Rechtbank Amsterdam uitspraak gedaan in een zaak over europees strafrecht.

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Zittingsplaats
Amsterdam
Datum uitspraak
1 mei 2025
Datum publicatie
16 mei 2025
Zaaknummer
13-364190-24
Procedure
Beschikking
ECLI
ECLI:NL:RBAMS:2025:3195
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

AVT Polen. Toestemming verleend.

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER

Parketnummer: 13-364190-24

Datum beslissing: 1 mei 2025

BESLISSING

op de vordering ex artikel 14, derde lid, Overleveringswet (hierna: OLW), ingediend door de officier van justitie bij deze rechtbank op 6 februari 2025, strekkende tot het in behandeling nemen van een verzoek om toestemming te verlenen voor de tenuitvoerlegging van een straf die is opgelegd voor feiten die vóór het tijdstip van de overlevering zijn begaan en waarvoor de betrokkene niet is overgeleverd, als bedoeld in artikel 14, eerste lid, aanhef en onder g, OLW. Dit verzoek is ingediend door the Regional Court in Poznan, 3rd Criminal Division (Polen) op 11 oktober 2024 en betreft:

[overgeleverde persoon]

geboren op [geboortedag] 1974 te [geboorteplaats] (Polen),

thans verblijvende in Polen,

hierna te noemen: de overgeleverde persoon.

1 Beoordeling

Het verzoek bevat de gegevens als bedoeld in artikel 8, eerste lid, van Kaderbesluit 2002/584/JBZ. De voorhanden zijnde stukken zijn toereikend om - met volledige eerbiediging van de rechten van verdediging van de overgeleverde persoon - een beslissing te nemen.

Het verzoek betreft feiten ten aanzien waarvan krachtens de OLW overlevering had kunnen worden toegestaan.

De rechtbank zal daarom het verzoek toewijzen.

2 Beslissing

De rechtbank:

verleent op grond van artikel 14, eerste lid, aanhef en onder g, en derde lid, OLW toestemming voor tenuitvoerlegging van de straf van [overgeleverde persoon] voor de feiten zoals vermeld in het verzoek.

ÁG713121478384CÈ

G713121478384

Deze beslissing is genomen op 1 mei 2025 door

mr. M.C.M. Hamer, voorzitter,

mrs. R.A. Sipkens en E. de Rooij, rechters,

in tegenwoordigheid van G. Riedijk, griffier.