Belastingrecht
De rechtbank gaat er van uit dat de curator de zaak tegen de gedaagde in de hoofdzaak en de niet verschenen…
Rechtbank Arnhem, 6 augustus 2008
ECLI:NL:RBARN:2008:BE7924 · Rechtbank Arnhem · 6 augustus 2008
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-arnhem/bestuursrecht/belastingrecht/eerste-aanleg-enkelvoudig/ecli-nl-rbarn-2008-be7924
Zaakgegevens
Op 6 augustus 2008 heeft de Rechtbank Arnhem in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over belastingrecht.
- Instantie
- Rechtbank ArnhemRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 6 augustus 2008
- Datum publicatie
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- 167226
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Belastingrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudigEnkelvoudige kamerDe zaak is behandeld door één rechter.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBARN:2008:BE7924
Samenvatting
De rechtbank gaat er van uit dat de curator de zaak tegen de gedaagde in de hoofdzaak en de niet verschenen gedaagde ook niet zal overnemen. In verband hiermee zal de rechtbank de zaak ten aanzxien van deze partijen op de parkeerrol plaatsen teneinde ambtshalve te worden doorgehaald.
Uitspraak
vonnis
RECHTBANK ARNHEM
Sector civiel recht
zaaknummer / rolnummer: 167226 / HA ZA 08-358
Vonnis van 6 augustus 2008
in de zaak van
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[gedaagde] TRANSPORTBEDRIJF B.V.,
gevestigd te [woonplaats],
eiseres in de hoofdzaak,
verweerster in het incident,
procureur mr. P.M. Wilmink,
advocaat mr. J.M.E. Hamming te Drachten,
tegen
1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
CURRIE EUROPEAN TRANSPORT B.V.,
gevestigd te Nijmegen,
gedaagde in de hoofdzaak,
eiseres in het incident,
procureur mr. F.J. Boom,
advocaat mr. P.F.W.A. van Dam te Rotterdam,
2. de vennootschap naar buitenlands recht
FUJITSU-SIEMENS COMPUTERS GMBH,
gevestigd te D-86199 Augsburg, Duitsland,
gedaagde in de hoofdzaak,
eiseres in het incident,
procureur mr. A.T. Bolt,
advocaat mr. R.L. Latten te Rotterdam,
3. de vennootschap naar buitenlands recht
NORTHAMBER PLC,
gevestigd te KT9 1 HS Chessington, Groot-Brittannië,
gedaagde in de hoofdzaak,
niet verschenen.
Partijen zullen hierna [gedaagde], Currie, FSC en Northamber genoemd worden.
1. De procedure
1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het incidenteel vonnis van 18 juni 2008
- het verzoek van Currie tot schorsing van het geding
- het verzoek van FSC tot ontslag van de instantie.
1.2. Ten slotte is vonnis bepaald.
2. De beoordeling
in de hoofdzaak
2.1. [gedaagde] is bij vonnis van de rechtbank Roermond van 3 juni 2008 in staat van faillissement verklaard, met benoeming van mr. W.M.J. Saes te Roermond tot curator.
2.2. Currie verzoekt op de voet van het bepaalde in artikel 27 lid 1 Faillissementswet (Fw) de schorsing van het geding, naar de rechtbank aanneemt teneinde Currie de gelegenheid te geven de curator tot overneming van het geding op te roepen.
2.3. FSC vraagt het ontslag van de instantie en legt een brief over van de bedoelde curator van 1 juli 2008 waarin deze aan de advocaat van FSC schrijft dat hij de procedure niet zal voortzetten. Uit die brief volgt dat de curator geen gehoor zal geven aan de oproeping in de zin van artikel 27 lid 1 Fw. Nu er verder geen feiten of omstandigheden zijn gesteld op grond waarvan geoordeeld zou moeten worden dat het gevraagde ontslag van instantie dient te worden geweigerd, zal FSC van de instantie worden ontslagen, met verwijzing van [gedaagde] in de kosten van het geding.
De kosten aan de zijde van FSC worden begroot op € 254,-- vastrecht.
2.4. De rechtbank gaat er van uit dat de curator de zaak tegen Currie en de niet verschenen gedaagde Northamber PLC ook niet zal overnemen. In verband hiermee zal de rechtbank de zaak ten aanzien van deze beide partijen op de parkeerrol plaatsen teneinde ambtshalve te worden doorgehaald.
in het incident
2.5. In verband met de vorenstaande beslissing in de hoofdzaak komt de rechtbank niet meer toe aan een verdere beoordeling van de vordering van Currie en FSC tot onbevoegdverklaring van de rechtbank.
3. De beslissing
De rechtbank
in de hoofdzaak
3.1. ontslaat gedaagde FSC van de instantie,
3.2. bepaalt dat de zaak tegen de gedaagden Currie en Northamber PLC op de parkeerrol van 1 april 2009 wordt geplaatst teneinde amtbshalve te worden doorgehaald,
3.3. veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten tot op heden aan de zijde van FSC begroot op € 254,--.
Dit vonnis is gewezen door mr. M.M. Vanhommerig en in het openbaar uitgesproken op
6 augustus 2008.