Civiel recht overig

Standaardbeschikking ex art. 7:291 lid 3 BW. Gezamenlijk verzoek goedkeuring afwijkende huurbedingen…

Rechtbank Breda, 25 april 2006

Zaakgegevens

Op 25 april 2006 heeft de Rechtbank Breda in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Rechtbank Breda
Datum uitspraak
25 april 2006
Datum publicatie
4 april 2013
Zaaknummer
395633/OV/06-1116
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBBRE:2006:AW7273
E-mail

Samenvatting

Standaardbeschikking ex art. 7:291 lid 3 BW. Gezamenlijk verzoek goedkeuring afwijkende huurbedingen. Goedkeuring verleend.

Uitspraak

RECHTBANK BREDA

Sector kanton

Locatie Bergen op Zoom

zaak/rolnr.: 395633 OV VERZ 06-1116

beschikking d.d. 25 april 2006 op een verzoek ingevolge art. 7:291 lid 3 BW

van

de besloten vennootschap [verzoekster]., gevestigd en kantoorhoudende te ‘[adres], namens deze vertegenwoordigd door [gemachtigde]

en

de besloten vennootschap [verweerster]., gevestigd en kantoorhoudend te Z[adres], namens deze vertegenwoordigd door de [gemachtigde].

1. De beoordeling

1.1 Op 20 april 2006 is ter griffie van deze rechtbank, locatie Bergen op Zoom, van partijen ontvangen een verzoekschrift ex artikel 7:291 BW lid 3 BW.

1.2 Bij voormeld verzoekschrift hebben partijen gezamenlijk gemotiveerd gevraagd om goedkeuring van één of meer afwijkende bedingen in de zin van artikel 7:291 lid 2 BW van de tussen partijen gesloten huurovereenkomst betreffende de bedrijfsruimte aan het Raadhuisplein 25A te Dinteloord.

Partijen hebben afgezien van een mondelinge behandeling ter terechtzitting.

1.3 Niet gesteld of gebleken is dat de bedingen, waarvoor goedkeuring wordt verzocht, de rechten van de huurder wezenlijk aantasten en/of dat de verhouding tussen de maatschappelijke posities van partijen van dien aard is, dat de huurder tegen zichzelf in bescherming moet worden genomen.

1.4 De gevraagde goedkeuring kan derhalve worden verleend.

2. De beslissing

De kantonrechter verleent de gevraagde goedkeuring.

Deze beschikking is gegeven door mr. W.E.M. Verjans, en uitgesproken op de openbare terechtzitting van 25 april 2006.