Bestuursrecht overig
Verschoningsverzoek toegewezen.
Rechtbank Den Haag, 4 januari 2024
ECLI:NL:RBDHA:2024:192 · Rechtbank Den Haag · 4 januari 2024
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-den-haag/bestuursrecht/bestuursrecht-overig/verschoning/ecli-nl-rbdha-2024-192
Zaakgegevens
Op 4 januari 2024 heeft de Rechtbank Den Haag uitspraak gedaan in een zaak over bestuursrecht.
- Instantie
- Rechtbank Den HaagRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Den Haag
- Datum uitspraak
- 4 januari 2024
- Datum publicatie
- 10 januari 2024
- Zaaknummer
- C/09/659335/KG RK 24-14
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Bestuursrecht overig
- Procedure
- VerschoningVerschoningEen rechter trekt zich zelf terug uit een zaak, omdat zijn onpartijdigheid in het geding kan komen.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBDHA:2024:192
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Verschoningsverzoek toegewezen.
Uitspraak
Rechtbank den haag
Verschoningskamer
Verschoningsnummer: 2023/15
Zaak-/rekestnummer: C/09/659335 / KG RK 24-14
Beslissing van 4 januari 2024
van de meervoudige verschoningskamer van de rechtbank op het verzoek van
mr. A. Drahmann,
rechter in de rechtbank Den Haag,
hierna de rechter,
belast met de behandeling van de hoofdzaak met kenmerk SGR AWB 20/7111 van:
het College van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Den Haag,
gevestigd te Den Haag,
eiser,
bijgestaan door mr. T. Barkhuysen (advocaat te Amsterdam),
tegen
de staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
gevestigd te Den Haag,
gedaagde.
1 De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit het verschoningsverzoek van 30 november 2023.
Een verschoningsverzoek hoeft, anders dan een wrakingsverzoek, niet ter terechtzitting te worden behandeld. Het verzoek is daarom niet ter zitting behandeld.
2 Het verschoningsverzoek
De rechter heeft het verschoningsverzoek op het volgende gebaseerd:
? de rechter is in haar voormalige dienstbetrekking betrokken geweest bij de zaak.
3 De beoordeling
Uitgangspunt is dat een rechter op grond van zijn aanstelling wordt vermoed onpartijdig te zijn. Uitzonderlijke omstandigheden kunnen een aanwijzing opleveren dat een rechter ten opzichte van een partij vooringenomen is of dat daarvoor een terechte vrees bestaat. Ook de uiterlijke schijn kan daarbij een rol spelen.
Gelet op hetgeen de rechter heeft aangevoerd, is het verschoningsverzoek terecht ingediend. Zo wordt de schijn van partijdigheid vermeden. Het verzoek zal dus worden toegewezen. Dit betekent dat de behandeling van de hoofdzaak door een andere rechter moet worden overgenomen.
4 De beslissing
De verschoningskamer:
wijst het verzoek tot verschoning toe;
bepaalt dat het proces in de hoofdzaak wordt voortgezet in de stand waarin het zich bevond op het moment dat verschoningsverzoek werd ingediend;
beveelt dat een afschrift van deze beslissing wordt toegezonden aan:
* de rechter;
* alle in de aanhef van deze uitspraak genoemde betrokken partijen.
Deze beslissing is genomen in raadkamer op 4 januari 2024 door mr. S.M. Krans,
mr. A.M.A. Keulen en mr. M. Kramer in tegenwoordigheid van de griffier.