Vreemdelingenrecht
AKT. Verzoeken om voorlopige voorziening afgewezen. (ZIE OOK: ECLI:NL:RBDHA:2020:5810)
Rechtbank Den Haag, 18 juni 2020
ECLI:NL:RBDHA:2020:5808 · Rechtbank Den Haag · 18 juni 2020
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-den-haag/bestuursrecht/vreemdelingenrecht/eerste-aanleg-enkelvoudig/ecli-nl-rbdha-2020-5808
Zaakgegevens
Op 18 juni 2020 heeft de Rechtbank Den Haag in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over vreemdelingenrecht.
- Instantie
- Rechtbank Den HaagRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Utrecht
- Datum uitspraak
- 18 juni 2020
- Datum publicatie
- 29 juni 2020
- Zaaknummer
- NL20.5224 en NL20.5230
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Vreemdelingenrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudigEnkelvoudige kamerDe zaak is behandeld door één rechter.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBDHA:2020:5808
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
AKT. Verzoeken om voorlopige voorziening afgewezen. (ZIE OOK: ECLI:NL:RBDHA:2020:5810)
Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
zaaknummers: NL20.5224 en NL20.5230
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaken tussen
[verzoeker] , v-nummer: [V-nummer 1] , verzoeker
[verzoekster] , v-nummer: [V-nummer 2] , verzoekster, mede voor hun kinderen:
[minderjarige 1] , v-nummer: [V-nummer 3]
[minderjarige 2] , v-nummer: [V-nummer 4]
[minderjarige 3] , v-nummer: [V-nummer 5]
gezamenlijk te noemen verzoekers
en
de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
(gemachtigde: H.J. Metselaar).
Procesverloop
Bij besluit van 20 februari 2020 heeft verweerder de aanvraag van verzoeker tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd in de verlengde procedure niet-ontvankelijk verklaard.
Bij besluit van 20 februari 2020 heeft verweerder de aanvraag van verzoekster tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd in de verlengde procedure afgewezen als kennelijk ongegrond.
Verzoekers hebben tegen de bestreden besluiten beroep ingesteld. Zij hebben verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
Verweerder heeft een verweerschrift ingediend.
Het onderzoek ter zitting heeft, tezamen met de behandeling van de zaken NL20.5223 en NL20.5229, plaatsgevonden op 15 juni 2020 door middel van een Skype-beeldverbinding.
Verzoekers zijn verschenen, bijgestaan door hun gemachtigde. Als tolk is verschenen
H. Al Sudani. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.
Overwegingen
1. Een voorlopige voorziening is alleen mogelijk als de rechtbank nog niet op het beroep heeft beslist. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummers NL20.5223 en NL20.5229, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op de beroepen. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer mogelijk. De voorzieningenrechter wijst de verzoeken om die reden af.
3. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De voorzieningenrechter wijst de verzoeken om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. L.C. Michon, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. M. van Ettikhoven, griffier.
Als gevolg van maatregelen rondom het Coronavirus is deze uitspraak niet uitgesproken op een openbare uitsprakenzitting. Zodra het openbaar uitspreken weer mogelijk is, wordt deze uitspraak, voor zover nodig, alsnog in het openbaar uitgesproken.
Deze uitspraak is gedaan en bekendgemaakt op:
Rechtsmiddel
Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.