Vreemdelingenrecht
Asielaanvraag – bekering tot het christendom – geloofsgroei sinds het nader gehoor – tijdsverloop van 21…
Rechtbank Den Haag, 29 juni 2021
ECLI:NL:RBDHA:2021:6778 · Rechtbank Den Haag · 29 juni 2021
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-den-haag/bestuursrecht/vreemdelingenrecht/eerste-aanleg-enkelvoudig/ecli-nl-rbdha-2021-6778
Zaakgegevens
Op 29 juni 2021 heeft de Rechtbank Den Haag in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over vreemdelingenrecht.
- Instantie
- Rechtbank Den HaagRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Middelburg
- Datum uitspraak
- 29 juni 2021
- Datum publicatie
- 2 juli 2021
- Zaaknummer
- NL20.14714
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Vreemdelingenrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudigEnkelvoudige kamerDe zaak is behandeld door één rechter.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBDHA:2021:6778
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Asielaanvraag – bekering tot het christendom – geloofsgroei sinds het nader gehoor – tijdsverloop van 21 maanden tussen het gehoor en het bestreden besluit – eiser zat in strafrechtelijke detentie tijdens het gehoor - gegrond
Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
zaaknummer: NL20.14714
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[naam], verzoeker
V-nummer: [nummer]
(gemachtigde: mr. M. Gavami),
en
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
(gemachtigde: mr. R.A.P.M. van der Zanden).
Procesverloop
Bij besluit van 27 juli 2020 (het bestreden besluit) heeft verweerder de asielaanvraag van verzoeker afgewezen als kennelijk ongegrond.
Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek, tezamen met de zaak NL20.14713, op 10 juni 2021 op zitting behandeld. Verzoeker is verschenen, bijgestaan door zijn gemachtigde. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde. Als tolk is verschenen C.H. Haile.
Overwegingen
1. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL20.14713, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.
2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. W.M.P. van Alphen, voorzieningenrechter, in aanwezigheid vanmr. W. van Loon, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.