Vreemdelingenrecht

Verzoek om een voorlopige voorziening – uitspraak gedaan op het beroep – afwijzing van het verzoek

Rechtbank Den Haag, 25 maart 2022

Zaakgegevens

Op 25 maart 2022 heeft de Rechtbank Den Haag in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over vreemdelingenrecht.

Instantie
Rechtbank Den Haag
Zittingsplaats
Middelburg
Datum uitspraak
25 maart 2022
Datum publicatie
31 maart 2022
Zaaknummer
NL21.19589 en NL21.19591
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2022:2901
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Verzoek om een voorlopige voorziening – uitspraak gedaan op het beroep – afwijzing van het verzoek

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg

Bestuursrecht

zaaknummers: NL21.19589 en NL21.19591

uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaken tussen

[naam 1] , V-nummer: [nummer 1] , verzoeker [naam 2] , V-nummer: [nummer 2] , verzoekster

mede namens hun minderjarige kinderen:

[naam 3] , V-nummer: [nummer 3]

[naam 4] , V-nummer: [nummer 4]

[naam 5] , V-nummer: [nummer 5]

hierna tezamen: verzoekers

(gemachtigde: mr. E.J.L. van de Glind),

en

de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder

(gemachtigde: mr. G.T. Cambier).


Procesverloop

Bij twee afzonderlijke besluiten van 15 december 2021 (de bestreden besluiten) heeft verweerder de asielaanvragen van verzoekers niet-ontvankelijk verklaard.

Verzoekers hebben tegen de bestreden besluiten beroep ingesteld. Zij hebben verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.

De voorzieningenrechter heeft het verzoek, tezamen met de zaken NL21.19588 en NL21.19590, op 9 februari 2022 op zitting behandeld te Breda. Verzoekers zijn verschenen, bijgestaan door hun gemachtigde. Als tolk is verschenen F.S.G. Stanley. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.

Overwegingen

1. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummers NL21.19588 en NL21.19590, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op de beroepen. De voorzieningenrechter wijst de verzoeken om die reden af.

2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst de verzoeken om een voorlopige voorziening af.


Deze uitspraak is gedaan door mr. B.F.Th. de Roos, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr.W. van Loon, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.

De uitspraak is bekendgemaakt op:

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.